Noble Ledger, week 4, dag 5, Wildflecken/Julianadorp

Vroeg uit de veren, we gaan al om acht uur op de terugweg. De koffers niet alleen gepakt, maar ook de kamer in de juiste staat achterlaten. Beddengoed op de tafel, stoelen op het bed. Afval weg. Een stralende zonsopgang begeleidt me naar het laatste ontbijt hier. Nog wat omhelzingen, nog wat handen geschud. Dan stappen we in het busje dat ons naar Utrecht zal brengen. Daar nog een laatste verrassing: mijn tas mist alleen het Nederlandse geld, de schade is beperkt. De nieuwe sloten waren niet nodig, en de bankpasjes komen er aan. Op het station een afhaler met een bos zonnebloemen, een warm onthaal.
Thee in eigen tuin in het zonnetje. Dan valt de stilte in, de rust en daarmee de vermoeidheid. Dertien dagen achter elkaar twaalf uur per dag werken, veel adrenaline, veel ontmoetingen, het valt allemaal weg. Het gewone leven wacht.

Noble ledger, week 4, dag 4, Wildflecken

De laatste dag voor ons in deze oefening, die in Noorwegen nog doorgaat met echte actie. Voor mij blijft er, naast het bewaken van de injects, het afleveren van een brief over. Mooi weer, in een kwartiertje loop ik naar de top van de heuvel en geef hem af. Weinig weet gehad van het weer, en weing profijt als het goed was, tegen de tijd dat we uitgewerkt zijn is het al donker.
Maar nu een wandeling in het zonnetje, op de terugweg naar de traditiekamer. Een kleiner gebouw waar men met veel documenten, foto’s en af en toe een uniform of wapen een beeld schetst van dit gebied. Op wikipedia vindt u de hele geschiedenis.
Op kantoor terug de computer opschonen, er zijn heel wat documenten later herzien, die dubbelingen kunnen wel weg. Dan kopiëren op usb wat we mee naar huis willen nemen, en ook in het papier op het bureau schiften. Bewaken van de injects, het volgen van het nieuws en de verklaring afwachten die een einde aan het onafhankelijkheidsavontuur van mijn provincie en aan mijn carrière maakt. Als de Premier van Arnland verklaart dat ik met wat collega’s het land heb verlaten en er aan de vijandelijkheden een einde is gekomen, stelt hij mijn opvolger voor. De nieuwe interim-gouverneur lijkt sprekend op mij, afgezien van haar paarse haren dan.
Sommigen hebben nog allerlei injects en hier en daar nog een vergadering, Gulia en ik ontmantelen ons kantoor na een laatste lunch in de DFAC. ’s Middags komt er nog maar eens een generaal langs, en ook nog een kolonel. We worden hartelijk bedankt. We krijgen van onze onvolprezen Math en zijn onmisbare Bert de herinneringsmunt overhandigd. De studenten krijgen allemaal een setje cadeautjes met het 1GNC logo, handige hebbedingetjes. Om half zes worden de eerste laptops al afgevoerd en staan de meeste whiteboards op de gang. Ik kleed mij om naar een passend jurkje en nog een keer zit de hele bende aan het diner met elkaar. Bij het weggaan zie ik “mijn” generaal, die in een andere ruimte met zijn staf het feit viert dat wij hier niet voor niets zijn bezig geweest en zijn legerkorps de NATO accreditatie heeft behaald. We geven elkaar de hand, spreken wederzijds woorden van waardering uit en omhelzen elkaar, de vrede is getekend.

Noble Ledger, week 4, dag 3, Wildflecken

Vandaag de dag van de echte ontmoetingen. Althans, gezien de afstand tussen waar de president verblijft en het onderkomen van de commandant der commandanten, werd het een VTC, een videovergadering. We kwamen, zoals voorgeschreven in de lijn, geen stap nader, maar het was een goed gesprek, voor mij. ’s Middags sprak ik als Aartsbisschop een onder-commandant der commandanten. Daar had ik iets meer resultaat, maar de burgemeester legde het af, of kreeg geen hulp. De verkeersleider kon zijn boodschap kwijt, en Mevrouw Sodeflod redde menig benepen situatie. Dat ik mijzelf die dag in het nieuws terugzag als zingende vredesactivist met paarse pruik maakte het plaatje compleet. Het was een volle dag, na een ontmoeting moet er geëvalueerd en bijgeschreven worden. Morgen lijkt rustig, omdat er een einde komt aan een aantal van mijn carrières, maar de ervaring leert dat het dan toch nog vol kan lopen met allerlei geïmproviseerde nieuwigheid.
Vanavond kwamen we velen weer tegen in de officiersmess, en werk ik nog door loyale landgenoten begroet. Morgen moet ik uitzien naar een nieuwe betrekking. Wordt het Bothnia of toch de Malediven?

Nobel Ledger, week 4, dag 2, Wildflecken

Hoe ziet onze dag er uit, hoe verhoudt ons ritme zich tot het battle rythm van de oefening? Ik word wakker voor zessen door mijn buurvrouwen, die een uur eerder aantreden dan ik. Om half zeven uit bed, om zeven uur op weg naar de messroom. Tien minuten stevig doorstappen. Vaak met goed weer, maar de afgelopen dagen ook wel in een miezerregen. Een ontbijt aan lange houten tafels op lange houten banken. Aan het andere eind van de tent weer er uit en tien minuten marcheren naar het werkgebouw. De ochtendbijeenkomst begint om acht uur, een uurtje later dan die van de militaire scripters in de kerk. Daarna naar onze diverse kantoren om te bezien wat er vandaag moet gebeuren. Bellen, mailen, telefoneren, coördineren tussen verschillende kamers of gebouwen. Als het een beetje mee zit denk je er aan thee te drinken of een fruitje te eten. Om twaalf uur de mars naar de eettent, lunch. Om half een weer terug, aan het werk. Soms slaat iemand een lunch over of laat wat meebrengen, vanwege de drukte. De avondbijeenkomst is om zes uur. Mijn charmante assistente Gulia wil niet te vroeg eten, ik ook niet, dus wij eten daarna, de meesten eten om vijf uur. Daarna nog vaak wat losse eindjes afwerken, of nog in de grotere rust van een gebouw zonder bezoekers lezen of nieuwe producten maken. Ergens tussen zeven en acht, maar vaak ook pas na achten klappen we de computers dicht en begint de vrije tijd. Voor sommigen is er nog een afstemmingsbijeenkomst ’s avonds, de militairen zijn vaak veel langer bezig, zeker als ze deel uitmaken van de oefening. Dat wordt nog best afkicken straks, als ik over drie dagen gewoon weer thuis ben.

Noble Ledger, week 4, dag 1, Wildflecken

De eerste dag van een nieuwe week, voor ons de laatste hier. Niet dat ik zo lang gewerkt heb dat er geen blogje meer af kon: het avondprogramma nam tijd. Maar eerst het werk: de slag is begonnen. Waar merken we dat aan? Meer zwaar materiaal dat hier rond de basis raast, pantserwagens, troepentransport en dat soort zaken. ’s Morgens staat hier en daar een troep aangetreden om toegesproken te worden. Sommigen lopen met helm en vest de hele dag. Er is op de hele basis een gevoel van urgentie lijkt het wel, en ik zie meer verschillende kleuren baretten rondlopen.
Wat merken we er binnen in het gebouw van? Een toegenomen interactie met de te trainen militairen. We bellen en mailen wat af, alles wat we de afgelopen weken hebben bedacht en ingeleid krijgt nu zijn beslag. De teksten door ons bedacht worden levensechte radio-, kranten- of televisieberichten. Op weg naar de lunch krijg ik een telefoontje uit Noorwegen: mag die en die mailen met vragen over een van de personages die ik speel?
We werken heel wat injects weg op zo’n dag, en alle informatie die we kunnen halen uit het systeem schept een achtergrond van een land in nood. Met incidenten die u in uw eigen krant, op uw echte televisie ook tegen kunt komen.

Ik kom nog steeds bekenden tegen van andere oefeningen. Onze groep in de groene zone, de rollenspelers, worden steeds meer een echte groep. Dat leidt de zondagavond, als onze favoriete hang-out dicht is, tot een bijeenkomst met scrabble, flesje wijn en knabbels, met een internationaal speelgezelschap, ergens in een vergaderruimte van ons werkgebouw. De kamers zijn dermate ongezellig, dat geen van ons daar een avond door wil brengen in zijn of haar eentje. Het geeft een hilarisch tafereel, die verschillende taalgroepen die tegen elkaar op bieden in het Engels. Kwam er aan het eind achter dat er wel wat weinig letters in het spel zijn. Waar ik die tussen hier en Basra ben kwijt geraakt, geen idee.

De vermoeidheid slaat bij mij ook toe, ik ben zo moe deze zondagavond dat ik als een blok in slaap denk te vallen. Dat is helaas niet het geval. Maar voor een blogje had ik echt geen puf.
foto

Noble ledger, week 3, dag 7, Wildflecken

De ochtend stond in het teken van losse eindjes, evalueren en een paar televisie interviews. Daarbij mocht ik een bomenlievende oud hippie spelen, mij op het lijf geschreven. De middag was interessanter: War Gaming. Het lijkt op heen en weer schuiven, maar de uitkomst was onverwacht en gaf veel stof tot discussie. Wat ons, de rode kant, blij maakte: wij wonnen. Iets wat volgende week waarschijnlijk heel anders zal zijn. Dat is het mooie ook van het werk hier, je leert voortdurend bij. Er wordt hier zo druk gewerkt, dat sommige servers het niet meer aankonden en gereset moesten worden. Morgen begint de vierde en laatste week, de week waar alles om draait. Na het spel van vanmiddag denk ik dat het nog wel eens druk kon worden. Het vieren van de zaterdag bestond uit gebak, bij een gelegenheid waar ik niet bij kon zijn (gelukkig nam men voor ons mee) en vanavond met elkaar naar de pizzeria van het dorpje onder ons op de bergflank.

Noble Ledger, week 3, dag 6, Wildflecken

Ik leer hier iedere dag bij. Alle pijplijnen, alle verschillende disciplines, alles wat er komt kijken bij zo’n oefening: het is veel. Morgen Wargames, weer iets wat ik nooit gedaan heb. Vandaag verontrustte moeder, bange burgemeester, en de alomtegenwoordige Ms Sodeflod gespeeld, in een snel onrustiger wordend land. Verder veel overleg om vooruit te werken en de laatste knopen te ontwarren. En echt gedemonstreerd, om nog eens te proberen de vrede te bewaren. Met gezang, ballonnen en posters probeerde we de troepen te vermurwen. In een druilerige omgeving vol portacabins, stak hier en daar iemand het hoofd om de deur om te horen wat er aan de hand was. Ik vrees dat niets er voor kan zorgen op dit moment dat de troepen niet mijn arme land in zullen vallen. Het lijkt niet veel als ik het zo zeg, maar je bent er uren zoet mee voor het goed is. Vanmorgen geen tijd voor ontbijt, maar dat valt in het niet bij het hoofd van onze afdeling, die geen tijd heeft voor avondeten, samen met zijn assistent. De mannen maken makkelijk veertien uur of meer per dag. Daar steken die twaalf van ons bleek bij af.