
Ik heb soms heel goede ideeën, maar soms ook wel eens mindere. Zo dacht ik het dry-camping uit te proberen. Het spaart kosten, en die rijzen de pan uit hier. Een tip die je overal leest: op de parkeerplaats bij Walmart. Handig. Goedkoop. En lawaaiig. Als je generator werkt is dat geen robleem, dan maak je je eigen herrie. Dus wij lagen met alle raampjes op ventilatiestand, onder het licht van de hoge masten, in de herrie van iedereen die hier over het parkeerterrein zijn radio uitprobeert. Pas na middernacht werd het wat rustiger en sukkelde ik in slaap. Om drie uur was ik weer wakker. Inslapen lukte niet, dus hup: lenzen in, jurk aan, gas uit (dan piept de koelkast) en rijden. In het donker, door een nog rustige stad, een slapend reisgenootje in het bed boven mij. Een half uur later stond ik geparkeerd voor de garage, en ik was niet de eerste. Om acht uur ging het hek open en liep het vol. Nu zitten we in een wachtruimte, met lekkere koffie, een beetje thee en traaaaaaaaag internet. Te wachten op de dingen die komen gaan. We zetten de TV op Friends, dat valt op: meestal is het sport of CNN volgnes een monteur die binnenwandelt. Mijn eigen garage was een uurtje later ook te bereiken. Het ging nog niet zoals ik het graag zou willen, maar de boodschap is afgegeven.
Ik vrees dat de Smoky Mountains lijden onder de eerste vier letters van hun naam. Die vormen het woord Omsk. En u weet, Omsk is een mooie stad, maar net iets te ver weg…
Na een uurtje een telefoontje: auto klaar. Draadje verkeerd, ergens een verbinding los, en ergens een stekker niet in. Creditcard nog maar eens aan het werk gezet en halverwege de ochtend gaan we richting Knoxville. Tot we het bord Smoky Mountains tegenkomen. Dan van de snelweg naar de scenic route. De Smokies komen naderbij, het landschap wordt prachtig, lieflijk, de bergen worden hoger en steeds dichterbij, tot we er tussen rijden. Voor we het weten rijden we het park in. Het is gratis, niemand houdt ons tegen. In Townsend dacht een vriendelijke meneer dat het wel mee zou vallen met de smalle weggetjes. Ik rijd omhoog, de goed onderhouden weg op met doorgetrokken gele middenstreep. De mensen komen het park uit, na het weekend. Met in gedachten onze vader, die ons vele vakanties mee de bergen in nam, maak ik bocht na bocht. Het uitzicht is prachtig, de zon schijnt.
Plotseling veel auto’s, mensen langs de weg, wijzend. Ik stop ook: beren! Twee stuks, langs de weg tussen de bomen, onmiskenbaar aan hun scherpe schouders en zwarte glanzende vacht. Ze scharrelen rustig rond, er wordt om mij heen druk gefotografeerd en gefilmd, mensen met grote lenzen. Ik maak ook wat foto’s, de camera van reisgenootje is leeg, tot de beren zich weer terugtrekken het bos in. Nog geen tien minuten in het park en al twee beren gezien, terwijl we eigenlijk rekenden op nul beren. De dag, die zo vroeg en rommelig begon, kan niet meer stuk. Halverwege de middag komen we bij het park. Cades Cove Campground. Geen hook-ups, alles op de generator. En die doet het nu. De lucht is fris, de temperatuur Hollands zomerweer. De mensen die hier staan, staan hier vaker. Hele voortuintjes vol gezelligheid, bij een of twee weken verblijf. Onze buren, uit New Orleans, zagen gisteren langs de ‘loop’ vanuit de auto acht zwarte beren. Wij staan aan de uiterste rand van het bos, Monster laat zich redelijk achteruit parkeren, met mijn reisgenoot als richtingaanwijzer. Hoe ik dat straks zonder doe…
We zetten voor het eerst de stoeltjes uit, we komen bij, we ademen in en uit. We genieten van de vlinders, de vogels en het eekhoorntje. Ik trek mijn nieuwe wandelschoenen aan en we lopen wat langs de rivier. Geïnspireerd door het bos, maak ik een eerste bos-schapje. Als ik weer wil gaan zitten zie ik een bijzondere rups op mijn stoel. Minutenlang zijn we bezig het vliegensvlugge beestje vast te leggen. Later als hij groot is, wordt hij zo’n mooie zwart-blauwe, geel-zwarte, rood-bruine of zwart-witte vlinder die we hier zagen. Het zal niet laat worden voor ons vanavond. We gaan met de vogels op stok, vermoed ik. Morgen een hele dag genieten in en van de Smoky Mountains.
Toch gehaald!
We leven een beetje mee met de natuur. Na het eten zitten we nog wat buiten, internet is er hier niet, TV staat in een kastje, om ons heen wordt het donker en het was een lange dag. Dus liggen we ruim voor tienen in ons mandje. Wat tot gevolg heeft dat ik ruim voor vieren wakker ben. Het bos is doodstil, af en toe valt er iets lichts op het dak. Ik hoor de trein in de verte. Rond vijf uur wordt de eerste vogel wakker.
’s Nachts besloten: dan maar warm. We gaan op weg, het heeft nu lang genoeg geduurd. Onze gastheer was al heel vroeg weer aan het werk, ‘s avonds was de afspraak: je merkt wel wat het wordt. Vroeg gebeld met de garage: hij moet het doen, wat jullie willen kan ook niet. Met ons drieën hadden we geen dag ervaring in kamperen in een RV, dus dat kon kloppen. Met de verzekering dat het moest kunnen en de dreiging dat eventueel de hele boel vervangen moet worden als het niet zo was, pakten we onze koffers weer, ruimden onze boel op, startten de wel schone maar redelijk wanordelijke RV en vertrokken door de rustige straten van een stad aan het werk.
We hadden een dagje luieren gepland, met een picknick in het park. Maar al vroeg belde de garage: Monster zou om 13.00 uur klaar zijn om opgehaald te worden. Goed nieuws! Gauw wat zaken inslaan voor onderweg, de hele middag schoonmaken, ’s avonds een gezellige maaltijd met onze gastheer en de volgende ochtend fluitend op weg. Tja. Terwijl ik klaar ben om in te stappen en de spannende rit naar ons adres in de binnenstad aan te gaan word ik gebeld: de verzekering had er nog eens over nagedacht, geen Texaans rijbewijs: niet te verzekeren. Ze zouden me er binnenkort uitgooien! Ik zal hier niet herhalen wat ik de man geprobeerd heb duidelijk te maken. De jongens van de garage waren ook de beroerdste niet, bellen, andere verzekeraar, kon die iets betekenen? Na veel geheen en weer was de enige oplossing: een Texaans rijbewijs halen. Dat lijkt simpeler dan het is, want ik heb geen Social Security Nummer, en dat is nodig. U kent het vast van de film, een volle wachtruimte waar allerlei slag mensen zit te wachten om hun rijbewijs aan te vragen, te krijgen, te verlengen. Nou, daar zat ik dan tussen met mijn klembordje. De middag schoot al aardig op. De vermoeide mevrouw die mij uiteindelijk hielp hoorde en zag het hoofdschuddend aan, dat kon toch allemaal maar niet zo. Een hele lijst kreeg ik mee van zaken die ik moest regelen voor ik weer een aanvraag kon doen. En online kon ik de toets doen, en als ik er geld voorover had en iemand kon vinden die bevoegd was, kon ik afrijden bij een rijschool, anders twee maanden wachten.



