Categorie archief: Uncategorized
Morgen in de Medina
Een prachtige dag voor de Medina, oplettend lezertje, beetje bewolkt dus al vroeg er op uit deze ochtend. Om half tien liep ik al over de Rue du Kasbah, vraag me niet welke straten daarna volgden. Mijn neus en mijn ogen achterna. Ik had wel vaag een plan van een wijkje waar ik heen wilde, maar daar komt zelden iets van terecht. Wel kwam ik nog een postkantoortje tegen, waar een deel van de kaarten gepost is. Ik mocht zelfs voor, omdat ik alleen postzegels nodig had, vermoedde men. Verder stalletjes en straatjes, zoals altijd opvallend veel kleding, maar ook rustiger wijken waar de schilders actief zijn of de theepotjes in de aanbieding. De Medina is niet groot, je loopt al snel een dubbel rondje. Maar met alle smalle straatjes en steegjes, de doorgangen en pleintjes, de prachtige deuren overal en af en toe een echt monument, blijft het boeien. Gelukkig verdwaal ik dan altijd zo, dat ik halverwege een theeterras tegenkom, want ik kan het uren volhouden maar mijn voeten denken daar anders over. Dat dat café Rose de Sable heet moet zuiver toeval zijn. De mensen zijn vriendelljk, maar zeker niet opdringerig. Af en toe zegt er iemand gedag, maar verkopers die je iets aan willen smeren, zelfs in het drukste straatje van de Medina overkomt je dat niet veel, en zeker niet in de straten daarachter. Iets gemerkt van hekel aan buitenlanders? Geen opgetrokken wenkbrauw heb ik zelfs gezien. iemand die ik erover sprak begeep helemaal niets van het geweld, en weinig van onze angst. Hier is alles rustig, komt u gewoon langs. Zelfs de Amerikaanse school is vandaag weer begonnen.
Nog iets gekocht deze ochtend? Postzegels dus, dat lijkt niet bijzonder maar de postzegel hier heeft nu een afbeelding van de eerste martelaar van de revolutie en zijn groentenkarretje, een monumentje op zich. Mastiek, denk ik, dat goed voor je tanden en je maag zou zijn, volgens de dames die mij adviseerden. Dat mag zijn maar het is niet te eten weet ik nu. Ook nog iets wat goed voor je vel moet zijn, kalk volgens mij. Ik ging mijn hospita vragen hoe ik het moest gebruiken, maar zelfs haar hoogbejaarde moeder had geen idee wat je er mee aan moet. Verder een verse lofa gekocht en uiteindelijk kwam ik nog een glazen zeester tegen. Er was daar meer moois te koop, maar minder draagbaar allemaal. Ander keertje dus, of helemaal niet, want hoe krijg je het allemaal weer thuis. De foto’s gaan op Facebook, dan zie ik u daar.
Huisvuil
In een blogje tijdens mijn eerste bezoek hier schreef ik al over het huisvuilprobleem. Dat neemt flinke vormen aan, hoorde ik toen. Ik zag het bewijs ook op het platte land: rondzwervend plastic kilometers in de omtrek van plaatsen waar hat afval wordt samengebracht.
Ik merk ook zelf hoe het niet loopt. Voorheen was het zo dat mensen dagelijks hun huisvuil in zakken en zakjes voor de deur zetten, en het werd ook dagelijks opgehaald op een min of meer vaste tijd. Containers zijn er niet, maar hier en daar hebben mensen die zelf voor de deur gezet, met een flinke ketting eraan; dat voorkomt dat katten de zakken openscheuren met alle rommel van dien. Tuinafval ligt in bergjes op de stoepen. Het wordt nog steeds opgehaald, maar onregelmatiger en je weet ook niet op welke dagen. De meeste mensen kiezen er dus voor het in kleine porties af te leveren bij de grote rolcontainers die hier en daar staan. Stinkende plekken in deze hitte, waar je zo snel mogelijk weer vandaan wilt. Gisteren zag ik een trekker door de wijk rijden met een aanhanger waarop zo ver ik kon zien veel takken en groen, maar ik sluit niet uit dat er van alles in de bak lag. Ik weet dat men zich op het ministerie het hoofd er over breekt, en het aan de revolutie en vernield materiaal wijt dat het nu niet goed gaat.
Gescheiden huisvuil inzamelen is dus voorlopig nog ver te zoeken, maar ik zier overal, tijdens bijeenkomsten, in kranten en op nationale televisiezenders tekenen dat het veel mensen stoort en men zich ook hier voor het milieu begint in te zetten. Bij de groentenboer zijn naast de gebruikelijke plastic zakken papieren tassem met passend opschrift. De groentenboer beval ze mij van harte aan, hij vindt dat nog niet iedereen milieubeswust genoeg is in het land en draagt zo zijn steentje bij. In maart is er op de stranden een schoonmaakdag gehouden. Er is nog een lange weg te gaan, maar ik zag al wel dit: overal in de wijk zakjes met oud brood, hoog opgehangen aan hekken of bomen. Die worden opgehaald en als beestenvoer gebruikt.
Herfst
Ook hier roept men dat de herfst er aan komt, oplettend lezertje, dat de zomer voorbij is. Aan de temperatuur is dat niet te merken. Zondag was de warmste dag die ik hier meemaakte, het was 39 graden, maandag zou er weer zo een zijn. Voor de middag was er een wandeling voorzien door Sidi Bou Said, de onbekendere straten. Ik verbaas mij er telkens weer over hoe snel je ergens thuis raakt. Als je er twee keer eerder was voelt het al alsof je er hoort. Het SafSaf waar we elkaar zouden treffen is zo’n plek, dat café met die kameel. Daar werd ik nu aangeroepen door iemand die ik eerder trof en die ook mee zou lopen. Een jonge tunesier met een open geest. Vanwege de hitte vertrokken we wat later, wat ruimte gaf voor gezellig geklets bij een kopje muntthee onder de bomen. Daarna het dorp in, het hoogste punt gezocht. Daar waar we wilden fotograferen stond helaas nu een wachter met een geweer, dat hebben we overgeslagen. Een blik over Tunis onder de damp van de stad, uitzichten over de baai en de bootjes. Wandelen door smalle straatjes, op en af. Die deuren, dat blauw, die witte gebouwen tegen de blauwe hemel, ik kan weer jaren vooruit op schilderles. Toeristen zijn een vreemde diersoort, die kom je in een straatje tegen op weg naar een te duur café, ooit beroemd geraakt door een Franse zanger die er een liedje aan wijdde. In dat toeristenstraatje winkeltjes met vogelkooien, kamelen, aardewerk en andere troep en heel veel terrasjes. Het terras dat wij bezochten lag bovenop een gebouw, daar zat twee man. De timing was perfect, de zon stond op punt van ondergaan. Na de warme wandeling was de citronnade heerlijk. Toen het echt donker was een taxi gedeeld met mensen die bij mij in de buurt wonen en afspraken voor nieuwe ontmoetingen.
Strand
De Britse ambassade was weer open vandaag, dus dan kan ik ook wel weer loslopen, denk ik dan, oplettend lezertje. Omdat mijn duiktripje in het water was gevallen, had ik erg behoefte aan zee. Ik had een openbaar strand gezien een tijdje terug, maar dat zag er niet uit, en bovendien, volgens mijn hospita: salafisten. Hoe weet je waar je terecht kunt? InterNations Town Talk. Vanmorgen vroeg op het net een oproepje geplaatst om strandadvies en binnen een half uur antwoord met en aantal suggesties. Ik koos de meest uitvoerbare, pakte mijn tas, zocht een taxi en ging er op uit. Na een halve week binnen zitten (en in de tuin natuurlijk) was ik daar wel aan toe. Op straat nauwelijks anders dan anders, op af en toe een pantserwagentje na dan.
Uiteindelijk kwam ik inderdaad op een strandje, in Carthago, u weet wel, van Dido en Aeneas. Het was nog rustig en dat bleef het ook redelijk, hoewel het later wat levendiger werd. Het strand was minder vuil dan dat vorige, maar je peuken en doppen opruimen, dat gaat toch nog wat ver. Blauwe Vlaggen zullen ze hier nog niet snel hebben denk ik. Het uitzicht was verder prachtig en het water was heerlijk. Voor je het weet ben je uren verder. Gewoon, zoals bij ons, families, groepen jongens en meiden, stelletjes, van alles wat.
Op de terugweg gelopen naar Sidi Bou Said, ik wil toch niet de wereld alleen door eent taxiraampje zien. Daar in een klein winketje eindelijk leuke ansichtkaarten, zonder postegels. Eens zien hoe ik die nu weer kan vinden. Uiteindelijk kwam ik bij het station,waar de kleine trein stopt, die tussen La Marsa en Tunis Centraal. Voor een bedrag van minder dan een euro ben je er. Staand weliswaar, op deze zaterdag middag, maar ik had het nog niet eerder gedaan met dit treintje. In het stadscentrum was alles als vanouds, een zaterdagmiddagmenigte aan het eind van de dag. Een ijsje gekocht bij mijn favoriete ijswinkeltje (krijg ik altijd een hoop reacties op als ik dat loop te eten) en door onbekende straten richting noord. In de buurt van die bewuste moskee was het ook allemaal normaal. Daar een taxi naar huis genomen.
En weet u wat nu het aller-leukste was, deze relaxte dag? Op de terugweg rijd je door het meer, twee kanten water. Daar in de buurt dacht ik aan mijn neefje, en dat ik hem misschien kon Skypen dit weekend. Toen ik opkeek zag ik een grote blauwe boot in de haven. Daniel, met grote witte letters op zijn boeg. Mijn neefje. Serendipiteit heet dat.
Dwalen
“Bestijg nooit den trein zonder uw valies met dromen” schreef Bloem in een tijd dat de trein het reismiddel bij uitstek was voor verre reizen. Ik zou daar aan toe willen voegen: laat vooral ook je plattegrond niet thuis liggen als je in een onbekende stad aan de wandel gaat.
Ik ging op zoek naar de banketbakker van vorige week, en liep hem glad voorbij. Even de Iphone bij en kijken waar je bent en waar je laatst had ingelogd, en hup, je bent er. Op de terugweg op gevoel flink de verkeerde kant uitgelopen, maar ook dan: even inloggen en je weet het weer.
Die dromen waren natuurlijk ook aanwezig: ik zou dit weekend naar de kust in het Noord-Westen, lekker duiken o.a. met allerlei mij onbekenden. Vanmiddag werd het afgebeld, te veel wegen zijn geblokkeerd, er is te veel onduidelijk en onzeker om zo’n grote groep ergens naar toe te laten gaan. Dus koffer weer leeggehaald en me voorbereid op een weinig opwindend weekend. Want niet buiten de stad reizen, maakt dat binenn de stad reizen nog veel lastiger wordt. U vaart er wel bij, oplettend lezertje, ik ben tot het volgen van het nieuws veroordeeld en retweet en blog mij suf.
Deja vu
Daar zit ik weer, met een livestream open, twitter en facebook accounts onder handbereik, te wachten op de dingen die komen gaan. Reis afgezegd vanwege de mogelijke demonstraties, het nieuws volgend dat binnen een half uurtje doorstappen van mij af zich ontvouwt. Niet voor het eerst, zal ook wel niet voor het laatst zijn. Hier in Tunesië is de redelijkheid weergekeerd, of de mannen die voor de veiligheid moeten zorgen hebben de zaak weer op orde, dan wel de goede opdracht gekregen. De Minister van Buitenlandse Zaken, Ennahda lid, sprak vanmiddag in de Centrale Moskee. Die moskee ligt weliswaar een eind van de US Ambassade af, maar toch was dit de plek vanwaar men vertrok vorige week. De Franse ambassade ligt daar dan weer wel vlak bij. De Franse scholen waren al uit voorzorg gesloten, en veel ambassades zijn dicht vandaag. En nu is er nauwelijks tot niets gebeurd. Een teken dat er niets te vrezen was, of heeft de “ruling political class” begrepen dat de meeste Tunesiërs dit niet pruimen en het slecht voor hun imago is de schijn op te wekken dat je de zaken niet in de hand kunt houden, of erger nog, wilt verergeren?
Elders op de wereld is het een stuk minder rustig. In Pakistan zijn er duizenden op straat, zijn de eerste agenten al gesneuveld. Ook in deze mensenmassa de gebruikelijke jongeren die wel een potje willen matten met de politie, net als overal op de wereld. In Pakistan zou de oorzaak te wijten te zijn aan een diepgewortelde hekel aan de VS. Hier trouwens vanochtend vroeg gehoord dat veel Amerikanen in de VS niet weten waar dit geweld vandaan komt. Kennelijk wordt daar op tv het verband tussen de film en het resultaat niet getoond. Vergeet niet, oplettend lezertje: u kijkt naar andere zenders. Zelfs Amerikaanse internationale zenders als CNN tonen thuis iets anders dan aan de rest van de wereld. Dat geldt niet voor de wat wereldwijzer ingestelde burgers, maar wel voor Henk en Ingrid in de VS.
En als wij het al niet snappen, wat kunnen we dan verwachten van mensen met veel minder ingang en toegang tot vrije informatie, mensen die niet of nauwelijks gealfabetiseerd zijn, en voor wie de enige opleiding vaak de Koran school is (want gratis).
Er zit niets anders op, het is tijd, tijd en tijd die we nodig hebben. Tijd om op te leiden, tijd om met elkaar in gesprek te gaan. Niet om onze visie op te dringen, maar om onze kant van de zaak toe te lichten en van gedachten te wisselen over de andere kijk op de wereld. Dat gaat niet snel, maar er rest ons niets anders. Want je kunt een hekel hebben aan groepen:individuele mensen met wie je onder en kopje thee of koffie een goed gesprek hebt gevoerd staan je altijd nader en vallen nooit onder de gemene deler. Niet hier, niet daar, nergens.
Internations
Vorig jaar in Cairo werd ik lid van InterNatons, oplettend lezertje. Een nog nieuwe wereldwijde organisatie die mensen met een internationale instelling bij elkaar brengt. Meestal zijn dat soort clubs voorbehouden aan goed betaalde expats, maar InterNations mag zich verheugen in een hoge deelname van autochtonen in hun groepen overal. Sinds kort zijn er activiteiten groepen en organiseert men van alles op sociaal, cultureel en sportief gebied. Maar mijn aanwezigheid bracht een van hun actieve leden ertoe een discussie-avond te organiseren over de ontwikkelingen in Tunesië sinds de revolutie.
Gisteravond, in een oud en traditioneel huis in La Marsa, waren zo’n vijfentwintig mannen en vrouwen aanwezig, jong en oud, overal vandaan. Amerikanen, Fransen, een Zuid-Afrikaanse, een Oostenrijker, Engelsen, Italianen, nogal wat mensen met ouders uit twee culturen. De voertaal was Frans, dus mijn buurman en ik moesten goed opletten.
Optimisten en pessimisten gaven hun mening over de huidige situatie. Ook was een aantal aanwezigen getuige geweest van de (aanloop tot) de aanval op de ambassade, die aan een drukke doorgaande weg ligt. Leerzaam wat daarover verteld werd. In ieder geval is duidelijk dat de demonstranten in drie groepen verdeeld kunnen worden: de oprechte, rustige demonstranten, de opgewonden fundamentalisten met veel verbaal geweld en de groep die altijd voordeel heeft bij dit soort zaken: de meelopers, de relschoppers, de plunderaars en randcriminelen. Van die laatsten zijn foto’s online te vinden, terwijl ze computers mee naar huis nemen.
De ooggetuigen constateerden nog iets: afwezigheid van voldoende politie, en die er waren durfden niets te doen zonder een uitdrukkelijk bevel of goedkeuring van hogerhand via de mobiel. De politie ondervindt nogal wat kritkiek sinds vorig jaar, veel agenten zijn vastgezet na rellen op verdenking van geweld tegen demonstranten.
Nu is er een roep (door oa Chebbi) om het aftraden van de Minister van Binnenlandse Zaken, en ook daarvoor wist men twee redenen te geven. Alles hangt met alles samen, en naargelang de insteek ziet men dit als een versterking van danwel een aanval op de grootste partij. Het mandaat van de huidige regering eindigt volgens de miniconstitutie van vorig jaar op 23 oktober, maar een nieuwe grondwet is nog lang niet klaar.
In het gezelschap van vanavond maar ook in de aanwezigen op de conferentie en anderen die ik hier spreek, ziet men paniek bij diezelfde grootste partij, en organiseert die van alles om toch de grootste te kunnen blijven, of in ieder geval te blijven zitten waar ze zitten.
De optimisten verwachten dat de onrust die er nu is en de bijbehorende verslechterende situatie mensen er toe zal zetten een andere keus te maken bij de volgende verkiezingen.
Een jongeman, die hier een bedrijf opgezet heeft nog niet zo lang geleden constateert dat van zijn jaargenoten er nog maar vier man in eigen land zijn vak uitoefent. Dat de rest of getrouwd is (meisjes) of in het buitenland actief is. Zelf denkt hij er ook over zijn koffers weer te pakken, omdat hij zijn toekomst wil opbouwen. Waar hij hoopte dat na de revolutie de discussie zou gaan over een verbetering van de economie, de samenleving en de vrijheid, voelt hij nu dat de discussie alleen over religie gaat, wat in eerste instantie geen probleem was, maar door een minderheid tot probleem wordt gemaakt. Dat het om een heel kleine groep salafisten gaat hier in Tunesië, daarover waren aanwezigen hat eens.
Maar die durft niemand aan te pakken, want wij (het Westen) zijn voor vrijheid van meningsuiting en religie. Nog versterkt door het gegeven dat religie hier niet aan te pakken is, volgens een spreker. Zelfs de niet praktiserende Moslims vinden een aanval op hun geloof niet te verteren, het is te groot.
De voorziene drie uur vlogen om gisteravond, en iedereen was het er over eens: dit moeten we vaker doen.
Daarna, met nieuwe kennissen, naar een taxivindplek gelopen. Twee jonge Tunesiers begeleidden ons tot we een taxi hadden. Het enige wat ik die avond nog zag dat wees op troebelen, was de pantserwagen bij een museum.
Het was een prachtig gezelschap deze avond, en met zoveel heldere denkers die zich druk maken, zie ik de toekomst van Tunesië positief in.
Wijk
Vandaag weer een rondje om in de wijk. De meeste buitenlanders hier in Tunis houden een low profile, hoor ik, dus dat doe ik dan voorlopig ook maar. Dat wil zeggen: niet de stad in en zeker niet op vrijdag, in de buurt van de moskee daar.
Nu is het behoorlijk warm en vochtig, dus met dit weer aan de sjouw is toch al niet zo aantrekkelijk. Het komt mijn talenkennis ten goede, onder de jasmijn wordt wat afgeleerd dezer dagen.
Omdat ik dit keer de andere kant op ging, kwam ik langs de Duitse ambassade, vlak naast het politie bureau hier in de buurt. Waar ik gisteren bij de Belgen slechts een pantserwagen zag, telde ik er bij de Duitse een stuk of zes, in soorten en maten. Nog een paar politiebusjes en nieuwe rollen glimmend scheermesjes draad om de stoepen af te zetten maakten het plaatje compleet. De Tunesiër zelf waren er duidelijk ongemakkelijk onder. Of alle ambassades meer bewaking hebben gekregen of dat de Duitser meer krijgen dan de rest, ik heb geen idee.
Na mijn rondje even bij het buurtwinkeltje langs voor flessenwater, altijd een hele sjouw. Omdat ik absoluut geen militairen wil fotograferen onder deze omstandigheden, geen plaatje van de pantserauto’s. Wel een overzichtje naar mijn wijk. Als u goed kijkt ziet u links achteraan een boom met een auto eronder. Daar is de poort naar mijn tuinhuisje.
Rustig?
Vanmorgen een rondje door de wijk, op een uur dat het nog net te doen was. Om elf uur was ik weer thuis en toen was het alweer zeer warm. Maandagochtend de eerste schooldag vandaag. Op weg naar en van de groenteman, met een wijd rondje om, zag ik veel middelbare scholen in deze buurt. Met in de directe omgeving de winkeljtes met frisdrank, de stalletjes met snoep, boek- en computerzaakjes en hier en daar een fastfoodtentje. Ik zei het al, een wat dure buurt. Niet alleen ambassades, maar achter de hoge muren zijn veel zwembaden, zag ik op Google Earth. Bij de groenteman druiven gekocht en wat groente voor vanavond; de keus was beperkt, de groentemarkt is dicht op maandag. Op de terugweg langs de Nederlandse Ambssade, waar de vlag roerloos langs de mast hing. Om de hoek het eerste teken dat alles niet is zoals het zou moeten zijn. Voor de Belgische Ambasssade stond een panterswagen met machinegeweer bovenop, en wat bemanning er naast.
Mijn hospita vindt het allemaal vreslijk, en zeer on-Tunesisch. “Het was een paradijs van vrede voorheen, en nu, met de extremisten, moeten we bang zijn op straat.”
En daar waar ik me in Egypte veilig voelde omdat ik geen doelwit was, is dat nu, met dank aan geert, veranderd. Ineens zijn het niet alleen de Amerikanen, maar ook de Nederlanders die risico lope. En waar geert zijn beveiliging geregeld is, geldt dat niet voor de meeste Nederlanders in het buitenland.
Morgen toch maar weer er op uit, al was het maar omdat ik een bijeenkomst heb in La Marsa.