Sukkel 3

De tijd vliegt, al vier dagen en veertien duiken achter de rug. Ze zijn stuk voor stuk prachtig, in laag tempo met veel tijd om te zoeken en te vinden en lange tijd op de ondieptes. We rekken de tijd maximaal op, door onze lucht zijn we nooit, dus de 75 minuten halen we vaak hier. Op de nachtduik zonder begeleiding gisteravond hielden we het anderhalf uur vol. Alles is prachtig, al is weinig nieuw. Dus ben ik zeer gebrand op twee beesten die ik nog niet zag: de zeeslang die iedereen al tegenkwam behalve ik, en het lokale zeepaardje. Ergens voor de deur op 25 meter zouden er twee zitten. Vanmiddag was het zo ver. Snel lunchen na de ochtendduiken, snel naar de kamer om de inmiddels hopelijk weer opgeladen lamp mee te nemen, snel een nieuwe batterij in de camera.

Met een buddy en de gids daalden we af. Er was een klein groepje duikers op 25 meter actief en inderdaad: daar woonden de paardjes. Ze zijn schattig, oplettend lezertje, en wel een halve centimeter groot. Oranje met lichte plekjes op hun lijf, zodat ze sprekend lijken op de gorgoon waar ze wonen, de ene links boven, de ander rechtsonder. Buddy John heeft de grotere camera, dus hij mocht eerst. Na aan aantal shots mocht ik het ook proberen, maar de camera wilde niet in beweging komen. Gelukkig deed mijn lamp het wel, dus terwijl John probeerde het kleine spul in beeld en scherp te krijgen, keek ik met mijn headtopcamera. Ze kronkelden zich om steeltjes, ze zaten op hun staart en ze zwommen af en toe een stukje. Volgens mij worden die beestjes gek van alle toeristen die regelmatig voor hun huis zitten, met een hoop lawaai, getik, geflits en andere stoornis. Air B&B is er niks bij, rolkoffertjes vallen in het niet. Maar het moet gezegd: zonder camera heb je tijd om te kijken en de wetenschap dat je niet terug kunt vallen op een foto maakt dat je scherp oplet. Daarna nog het gebruikelijke spul met ook nog af en toe een slak, wat groupers die niemand zag omdat ze onder ons langs gingen, veel schelpjes en een flink aantal rustende schilpadden die graag op zandige richels liggen met een boogje boven het hoofd. Eenmaal op de vlakte aangekomen wees de gids nog een maal richting de trap van het duikcentrum en vertrok. Hij kent inmiddels zijn pappenheimers. Dus weer een flink lange duik deze middag. Komt mooi uit want vanavond is er geen.

Aan tafel had iedereen het verhaal van de niet werkende camera al gehoord en de oorzaak: batterij verkeerd om. Dat kan eigenlijk niet, maar dat is me toch gelukt. En ja, dan moet je die schattige paardjes dus goed onthouden. Maar zoals de duikleidster zei: je weet nu waar ze zijn.

Rust

Vanmorgen om drie uur al wakker, en om zes uur er maar uit. De zon was al over de bergen heen. Tijd om een verkenningsrondje in alle rust en stilte te maken. Het hokje van de bewaker is bemand, hij zwaait mij vrolijk toe, telefoon aan het oor. De poort is op slot, twee blauwe ijzeren dolfijnen houden vreemdelingen buiten. Achter een huisje het opschrift ‘no parking’, kennelijk alleen bedoeld voor scootertjes, iets meer zou er niet passen. De plek waar de tuinman zijn zaailingen vertroetelt. De watertoren en de toren er naast, die mij uitzicht geeft over het omringende gebied. Het woongebouw met de vele slippertjes voor de deur en de keuken nog rustig, met de lege waterflessen in gelid. De plek waar de reserveriggers voor de prauwen liggen, al witgeschilderd voor het geval. Links naast mij staat een man zich in de zee te wassen, iets verderop een visser in zijn kleine prauw. Het zwembad ligt er roerloos bij., wachtend op de vier jongetjes die hier zijn en er dankbaar gebruik van maken. De vogels kwetteren er op los, op de achtergrond een palmduif of drie. Alle frangipanis open. De balkonnetjes verlaten, alleen de bikini of de handdoek hangt te drogen. Het huisje naast mij is niet bewoond, de matrassen staan op het balkon te luchten, de sleutel steekt in de deur. Het is hier in Magic Island prachtig onderhouden. Er zijn terrassen tegen de rotsen gebouwd dus overal trappetjes en plateaus. En alles wat niet betegeld of bebouwd is, is beplant. Een paar grote kokospalmen en verder alles wat we kennen van de tropen. Bougainville, frangipani, plumbago, hibiscus en al het ander waar ik de naam niet van ken. Het wordt dagelijks verzorgd en overal staan nog extra potten, op loze ruimtes tussen huisjes naast de gezamenlijke ruimtes als bar en restaurant. Aan de waterkant, boven het duikstation, het huisje met de massagestoelen, de terrassen voor de romantische kaarslichtdiners voor twee, de douche en de bbq en twee overdekte uitzichtplekken met ronde banken. Een voor mijn huisje, dat aan de rand en aan het water ligt, een perfecte plek. De zon komt nu bijna over de daken en zal binnen minuten beginnen mijn huisje weer tot grote hoogte op te warmen. De stemmen van vissers op het water met elkaar in gesprek. Het zal niet lang duren voordat ook de ander gasten zich laten zien, ontbijt is hier, afhankelijk van het dagprogramma dat men heeft, al vanaf half zeven.

 

Camera’s en zo

Ik heb een kleine, compacte en goede onderwatercamera. Waterdicht tot 10 meter wat goed uitkomt als je je o-ring niet tijdig hebt vervangen en je behuizing lekt. Maar de externe flitser die ik er later bij kocht is ten eerste overleden en ook toen hij het wel deed waren er problemen met een blijvende verbinding. Te universeel kennelijk voor mijn model. Al een paar jaar maak ik mijzelf wijs dat een echte camera onderwater aan mij niet besteed is. Te veel werk, te duur, te moeilijk, te groot en te zwaar en het leidt maar af van het duiken. Nu duiken er hier twee met een mooi compact model volwaardige camera, met passende flitsers inclusief rood licht en alles er op en er aan. En ook nog weinig knoppen. Vandaag even een gebruikt om iemand te portretteren in een vliegtuigwrakje. Handig ding en niet zwaar om mee te werken. Dus toen ik vanavond aan tafel vertelde dat mijn flitser definitief de geest had gegeven was het eerste commentaar: mooie gelegenheid een nieuwe camera te kopen. Zo’n camera kost zo veel als een duikreis, oplettend lezertje. Je moet er weken voor werken om hem verdiend te hebben in mijn geval, en dat is dan zonder dat je gegeten hebt of de huur betaald (of belasting). Maar het wordt steeds aantrekkelijker. Zal ik het doen, zal ik het laten? Wat is wijsheid, en trouwens, sinds wanneer beslissen we over dit soort zaken met wijsheid? Voor de mooie foto’s is er het internet. Maar ja, dat zijn niet jouw vissen, dat zijn de vissen van iemand anders. Iedere foto die ik heb, en het zijn er inmiddels duizenden, geeft de ontmoeting weer van mij met de onderwaterwereld en roept gelijk de hele vakante op. Dat kan dus ook heel goed met zo’n compacte camera, desnoods met een nieuwe flitser die ook onder de tweehonderd euro blijft. Eens zien hoe lang ik mezelf nog mijn verstand kan laten gebruiken.

Sukkel 2

Je kunt alles van me zeggen, maar niet dat ik niet consequent ben. Na gisteren mijn flitser om zeep te hebben geholpen (schoonmaken en nieuwe batterijen mochten niet baten) vertrok ik vandaag zonder mijn computer en lekte mijn onderwaterhuis, zodat mijn camera na een halve duik mistig werd. Dus dook ik zoals ik ooit begon: zonder camera achter de gids aan. Mijn buddy duikt op lucht, ik op nitrox, dus zolang ik me daar aan vast houd kan er weinig verkeerd gaan. Het feit dat ik vaak naar mijn lege pols keek, bevestigde dat ik toch enige routine heb opgebouwd. Prachtige duiken deze dag. Ik zie veel bekends uit Indonesië en mijn duikcollega’s deze week vinden veel nieuws waar ik de naam van ken. Maar mooi blijft het. Dat je ook onder water aan verwachtingsmanagement moet doen bleek wel weer. De gids, die het op gegeven moment druk had met aanwijzen, maakte naar wat ik dacht dat het gebaar voor naaktslak was: twee kromme vingers boven je masker. Ik op zoek aan de zijkant van het grote gele koraal dat ze aanwees. Vragend keek ik naar mijn buddy die daar trouw lag te wachten: ik zag niets kleins en kleurrijks. Zelfs achter haar masker zag ik de wenkbrauwen in de lucht gaan en een handgebaar maakte duidelijk dat dit toch niet te missen was. Op dat moment zag ik het ook: geen slakje aan de rand, maar een kanjer van een hengelaarsvis er pal bovenop. Buddy verloor bijna het mondstuk van het lachen. Nu heb ik dus een mistige hengelaarsvis kunnen toevoegen aan de verzameling. Aan het eind van de duik nog een kleintje met meer kleur. Allemaal opgeslagen in mijn headtop bij gebrek aan camera. Dan is het handig als je je visitekaartjes bij je hebt, en wetransfer een zegen voor de mensheid.
Tegen zonsondergang gaan we weer te water, ik met kamera maar zonder extra flitser, wat fotografie onder water ’s nachts eigenlijk overbodig maakt. Maar we zijn op mandarijn vis jacht. Die kleintjes zijn wereldberoemd om hun paringdans, waarbij ze gezamenlijk enkele seconden boven hun dagelijks bestaan, de koraalgroep, uitstijgen. Gelukkig had een mededuiker een rode lamp, zodat ik het fotograferen liet voor wat het was en genoot van het schouwspel, dat zich enkele minuten nadat we waren gearriveerd voltrok. Beter dan vorig jaar, toen we met een man of acht een half uur onbeweeglijk bleven en de daar aanwezige mandarijnvissen weliswaar grote en goed zichtbaar waren, maar die avond allemaal hoofdpijn hadden kennelijk. Dus van die avond heb ik mooie foto’s en van de afgelopen keer mooie beelden in mijn hoofd.
Daarna een stuk rifwand en het ondiep afgegraasd naar nachtleven. De onderwaterwereld is dan totaal verschillend. De meeste vissen slapen en zijn onzichtbaar, weer anderen worden juist actief. De krabben, kreeften, egels en garnalen doen hun best evenals de schelpen, heremieten en brokkelsterren. De veren staan open. Niets heerlijkers dan op ondiepte eindeloos rond te kijken en te zoeken naar wat je overdag niet ziet. Als voorlaatste kwam ik na 80 minuten met nog 100 bar het water uit. Want ’s nachts is het ook op een meter de moeite waard. De gids had het inmiddels al opgegeven maar hield ons vanaf de wal in het oog. Met zo’n metalsub ben je van verre zichtbaar. ’s Avonds aan tafel het gebruikelijk heen en weer uitwisselen van wat gezien werd op de diverse duiken; er gaan dagelijks nu twee à drie boten uit en men duikt van het huisrif, dus er is veel gezien. Dan komen de visboeken die ik trouw meesjouw, ondanks hun gewicht, toch weer goed van pas. Dat met de krabben logeert vannacht ergens anders.

Sukkel

Die fanfare van vanochtend, die reclame bleek te zijn voor het festival gewijd aan een heilige dat dit weekend losgaat, was geheel terecht. Op een spiegelglad zeetje togen we, drie duikers en gids Manuel, naar twee duikplekken deze ochtend. En vanmiddag met alleen ikzelf en Manuel, naar wandjes in de buurt. Een overvloed aan vis, drie soorten nudi’s, twee grote frogfishes. Een langouste. Een wolk baby-catfish, over het hol van snake eel heen. Sneek eel probeert de boel schoon te houden, catfish plompen zijn hol vol troep. Electic clams in een grotje. Vijf schildpadden. Goed zicht, verse ananas tussen de duiken door. En we duiken vanaf een prauw, dat is ook niet verkeerd.
Alleen een dingetje: tijdens de tweede duik zag ik luchtbubbels uit mijn extra licht komen. Dan weet je: dit is niet goed en ik kan er niets aan doen nu. Bovenwater de boel open, vier batterijen die ontploft zijn en allemaal vieze troep achterlaten. Waarom, waarom? Omdat ik vorig jaar het advies van de fabrikant opvolgde en de afsluitring heb verwijderd. Lang onder druk staan rekt onnodig uit en verkort de levenstijd. Ja, maar dan moet hij er natuurlijk wel weer in, als je weer gaat duiken. En sowieso moet je voor iedere duik de ringen inspecteren. Ja, dat moet, maar dat deed ik niet. Nu zijn er vier nieuwe batterijen in bestelling en ben ik in de weer gegaan met wattenstaafjes en alcohol om het binnenwerk schoon te maken. Maar goed dat er geen nachtduik in de planning was vandaag.
Maar altijd nog liever een sukkel met ontplofte batterijen dan een slimmerik thuis op de bank.

Fanfare

Even wist ik niet wat ik hoorde vanmorgen,oplettend lezertje: deed mijn telefoon iets geks, speelde er ergens een bandje? Om even over zes hoorde ik statige trommels en fluiten. Buiten bleek het al net licht te zijn. Het was levende muziek, vanaf een prauw. Ik naar buiten, en velen met mij. Het was iets nieuws dus ik wordt niet iedere ochtend zo gewekt. Nog voor ik mijn camera had kunnen pakken waren de mannen al weer rondgegaan en kwamen ze nog een keer langs. Toen ze weer verdwenen naar waar ze vandaan kwamen werd het geluid overgenomen door de vele vogels hier, met op de achtergrond het zachte gebrom van de generator. De zon komt langzaam achter de wolken en boven de bergen achter ons uit. Overal ochtendstemmen van mensen die feestelijk aan de dag begonnen. Nog niet veel gedaan, maar deze dag kan al niet meer stuk.

Wat opvalt

Maar weer eens twee dagen onderweg om vissen te kijken, oplettend lezertje. Ik weet, het is een afwijking. Stop-over in Hong Kong en landen in een voor mij nieuw land: de Filippijnen..
De vlucht was lang genoeg om vier hele films af te kijken en een vijfde half (flut film ook nog).
Hong Kong, waar ik maar kort de tijd had mijn aansluitende vlucht te halen, leek mij een prettig vliegveld met vooral veel ramen en geregeld kleine exposities over cultuur en industrie. Wat zij daar hebben wat ik eerder nooit zag: drinkfonteintjes met heet water. Geen idee of de lokale bevolking daar dan zelf thee van maakt of dat ze graag warm water drinken.
Nog redelijk fris begon ik aan het tweede deel. Het opstijgen bij Hong Kong geeft vergezichten van bergeilanden die opdoemen uit de ochtendnevel. Prachtig. Op mij to- do lijstje bijgeschreven: paar dagen Hong Kong en Macau.
Op het eiland Cebu aan het eind van de ochtend geland. Veel Australiërs hoor je hier om je heen, wat ook logisch is: dit is hun vakantiegebied, ze zijn er zo. Lang wachten bij de bagageband, maar uiteindelijk kwamen ze allemaal langs. Heel veel grote pakketten kwamen er uit de buik van het vliegtuig. Ik ben dan altijd nieuwsgierig wat het verhaal er achter is, maar dat mag u nu zelf verzinnen.
De chauffeur stond keurig op mij te wachten. Eerlijk gezegd heb ik deze reis nauwelijks voorbereid, dus ik had geen idee hoelang we onderweg zouden zijn. Het bleek mee te vallen, vanwege het verkeer, na twee en half uur arriveerden we al. Onderweg: veel stad, veel fietsen met zijspan en parasol als openbaar vervoer, veel bebouwing langs de weg. Alleen bovenin de bergen/heuvels was het open, met vergezichten over de dalen. Niet dat ik daar alles van gezien heb, want na bijna een dag niet slapen kwam hier de man met de hamer langs.
De auto stopte nog net niet in het zwembad van het resort. Resortje meer, negen kamers. In totaal zijn er nu 15 gasten en u kunt nog langskomen om de laatste kamer in te nemen. Een zelfstandig huisje heb je dan, met die heel trendy shutters en goed voorzien van horrengaas. Als welkom alle bloemblaadjes in een hartelijke tekst op mijn lakentje, dus voor ik kon gaan slapen moesten die wel opzij, samen met de frangipani die er ook lag. Na een paar uurtjes bijkomen het gezamenlijk diner. Heerlijk hoor, die saté, die garnalen fritters en die huisgemaakte limonade. Hier houd ik het wel een weekje vol denk ik.
Dus nu zit ik op mijn balkonnetje dit te bloggen, de shutters staan tegen elkaar open op de wind, straks aan mijn hoofdeind de kleine golfjes van de baai 10 meter verderop. En het mooiste: 95% kans op walvishaaien. Dat u het even weet.