EGA Volt 26 Bratislava, 17 juni

De laatste dag

Het belooft vandaag rond de dertig graden te worden, dus mijn plan het kasteel van Bratislava (dus niet dat van gisteren) van binnen te bekijken komt goed uit. Gisteravond nog wel gegeten, maar het vega-restaurant waar ik ik mijn zinnen op had gezet was al om zes uur dicht. Je hebt hier prachtige binnenplaatsen waar het goed toeven is, maar nu dus even niet.

Inmiddels weet ik blindelings de weg naar het kasteel, waar ik twee keer eerder was, maar alleen rondom. Nu koop ik een kaartje. Vanwege mijn zeer hoge leeftijd krijg ik de basis gratis, en de expositie met korting. Gewone oudjes van 65+ krijgen alleen korting, maar de hoogbejaarden 70+ moet ontzien worden. Dan is het mooi dat ik morgen 71 word, ik kan voor een habbekrats naar binnen.

In de diepste laag, de fundaties van het kasteel de oudste resten en bijbehorende expositie, de Kelten. Daarna volgt de rest. Op de hoogste verdieping de expo waar ik echt voor kwam, over een belangrijke architect met een onuitsprekelijk naam. Alleen al zijn schetsen zijn prachtig. De museumshop heeft veel boeken, maar helaas voornamelijk in het Slovaaks. Zelfs het handige gidsje over het kasteel zelf. 

Volgens planning, na ook de tuin te hebben bezocht waar de lindenbloesems op uitbreken staan, terug naar het hotel, de bagage ophalen, de laatste tram, de trolleybus, nu zonder moeite een kaartje bemachtigd voor een trein, die op tijd vertrekt. Zelfs nog tijd voor een ijsje in het zonnetje.

Na een flink uur ben ik in Wenen, met tijd genoeg voor een maaltijd. Gelijk stromen er telefoontjes en mailtjes binnen die actie behoeven.

In de rein tref ik fietsers die de limes reden van Koblenz tot Boedapest. In de gang veel jongelui, met bakjes salade, broodjes, praatjes. De treinvoerder vroeg stilte vanaf 21.00 uur, maar dat zal voorlopig niet gebeuren, eerst is er grenscontrole. De trein is ook nog lang niet vol.

Mij benieuwen of ik deze rit wel slaap.

EGA Volt 2026, Bratislava 16 juni

De stad uit!

Om niet weer een dag rondjes te lopen door het centrum zoek ik bus 29, die mij naar Devin en het bijbehorende kasteel zal brengen. Het is nog rustig, ook in de bus. Twee Canadezen zijn bezig met een maandje Centraal-Europa; Polen, Tsjechië en Oostenrijk zijn al afgetikt, Hongarije zal volgen, en dan een nachtje Amsterdam bij vrienden om het af te ronden.

Als we bij het kasteel aankomen lopen we nog een tijdje samen op, maar uiteindelijk verliezen we elkaar uit het oog. Op mijn dooie akkertje struin ik het hele kasteel af. Wat er van over is dan. Ooit begonnen Kelten hier zich te ontwikkelen en te vestigen, gevolgd door Romeinen, Slaven en dan de verschillende vechtende vorsten, met af en toe een Turkse aanval. Waar we o.a Mozarts Turkse mars en de Franse croissants aan te danken hebben.Tijdens de Sovjetperiode lag het ijzeren gordijn hier letterlijk pal achter het kasteel, een vluchtpoging was levensgevaarlijk, de grenswachten waren bloedfanatiek. Honderden moesten hun poging tot vrijheid met de dood bekopen.

Aan de voet van het kasteel hebben zij hun monument, daar waar ook het hek stond. Nu is er een fietspad dat kilometers doorgaat en de oevers van de rivier volgt. 

Overal aan die oever waar maar ruimte is staan tenten waar vissende mannen zwijgend wachten op forel. Aan de gewassen t-shirts en grote watercontainers te zien zitten ze hier dagenlang. Achter hen brullen de kikkers. Uit de bomen vallen de rode en witte moerbeien. Mooi rijp, maar helaas te hoog. Ik heb een betrouwbaar uitziend gevallen exemplaar geproefd, heerlijk zoet. Na het kasteel het dorp in blijkt zinloos, zelfs de kerk is dicht. De bus echter is stampvol. Na een klein halfuur ben ik weer in Bratislava, waar het drukker lijkt dan gisteren. Ik zoek een vervanging van mijn achtergelaten zonnebril, en kom daardoor wat buiten de paar kruisende wegen van de historische stad. Daar zijn de gewone winkels, shoppingmalls en de voordeligere hostels. Zelfs nog grote winkels vol stoffen en galanterieën, die bij ons verdwijnen, en mij herinneren aan mijn moeder, die veel goed en zelf maakte. Omdat ik inmiddels weer gevloerd ben maar nog geen honger genoeg heb, besluit ik terug te gaan naar mijn hotel, daar de boel op te laden inclusief mijzelf, de blogjes bij te werken en als mijn maag gaat knorren een plek te zoeken om wat te eten.

U hoort er nog van.

EGA Volt 2026, Bratislava, 14 juni

Tweede congresdag

Omdat ik even was vergeten dat mijn wekker op zondag vrij heeft, wordt ik tegen achten wakker, na eindelijk een boerennacht. Bij het ontbijt voegen zich de Deen en de Noor bij me. Het gesprek is zo geanimeerd dat we het eerste half uur van de meeting missen, maar uiteindelijk gaat het ook om de ontmoetingen deze dagen. De ochtend zijn er weer deelsessies, de lunch op een trap in het zonnetje met Wolfram uit Darmstadt die zich inzet voor Oekraine. Die middag zijn ook de resultaten van de verkiezingen. De nieuwe co-presidenten zijn toevallig de kandidaten van mijn voorkeur. Marieke Koekoek zal zich als algemeen bestuurslid blijven inzetten voor Volt.

Er komt de gebruikelijke eindchaos van zingen voor jarigen, groepsfoto’s, knuffels en afscheid, er is een ’s nachts gebakken taart voor de verjaardag van Schengen, ik feliciteer sommigen, bedank anderen.

De Slovenen van de pubquiz vragen me met hen te eten, ze blijken de support-groep van de nieuwe mannelijke co-president, Sven Franck.

Op dezelfde plek als gisteravond worden tafels gevuld met potten bier en nachos, voegen zich steeds nieuwe Volters en eindigt het ermee dat we rond negen uur ieder ons weegs gaan. Met verschillende trams, soms zelfs de verkeerde. Sommigen gaan naar huis, andere reizen om via een derde land of voegen zich bij de afterparty. En ik neem de trein naar mijn hotel.

In het congrescentrum wordt inmiddels de hal gedweild, en getuigen alleen de grote schermen nog van het Voltcongres.

Waar zullen we elkaar volgend jaar ontmoeten?

EGA Volt 26, Bratislava, 15 juni

Treintje.

Omdat ik vandaag vrij ben, neem ik een omweggetje naar mijn tramhalte. Zo kom ik er achter dat het grote gebouw tegenover mijn hotelkamer een stadion is waar Slav Bratislava thuis is. En dat de diesel hier, mogelijk in afwachting van cease fire nummer 39, 1.62 is.

En dat grote gebouw tegenover mijn halte is een militair complex met NATO banden. 

De oude stad van Bratislava is niet zo groot, en steden hebben ook nog eens de neiging te krimpen als je ze leert kennen. Ik besluit mijn net dus wat wijder te gooien. De ochtend slenter ik op laag tempo door een heel rustige stad en neem de tijd foto’s te maken. Ik vind een prachtig binnenplaatsje met moderne fontein en zit even te niksen. Een man komt met zijn bezem de boel bij elkaar vegen.

De middag neem ik een toeristentreintje, ja, ja, ik weet het. Maar die komen op plekken die ik niet kan belopen op mijn oude voetjes. En ze vertellen er ook nog wat bij, om Erik Dijkstra te parafraseren.. Ik neem de combi, dan moet ik Bratislava wel zo’n beetje rond hebben. De tweede route heb ik het hele treintje voor me zelf, en de bestuurder vraagt of hij even mag tanken? Ik heb alle tijd, ga je gang. We zijn inmiddels al dikke vrienden. Bratislava is een stad van paleizen, pleinen en fonteinen en veel groen. Als ik uitgetreind ben, en de Ufobrug met de lift heb beklommen, om daarna weer naar beneden te kijken, ga ik weer aan de wandel. Eerst nog even een thee bij Habibi, en dan de de brug over om nog even te genieten van de Donau. Daarna het Aupark in. Eerst een kwartiertje bij het skatepark genieten van de halsbrekende toeren die er worden uitgehaald op kleine stepjes, fietsjes en skateboards. De kleintjes nog met helmen, de groteren zonder enige bescherming. Dat treintje heeft me geleerd dat lindebloesem hier in hoog aanzien staat. Vroeger bouwde men soms om een grote boom wel stellages zodat de notabelen de bloesems konden bewonderen. In het Aupark staan er zo veel, naast de andere mooie bomen, dat het hele park naar honing ruikt. Voeg daarbij de mooie ruime grasvelden, de schone paden en de zingende vogels overal, en je komt helemaal tot rust. In een honingwinkel aan de rand van het park en sla ik wat cadeautjes in. Dan weer over de Ufobrug terug naar het centrum. Er moet nog gegeten en thee is welkom. Maar bij een “Hé Volter!” beland ik bij twee heren aan een tafeltje met een potje thee. Een van hen trof ik tijdens een lunchbreak, de ander is nieuw. Er schuin tegenover zitten wat bekende Volters die ons al zagen en riepen, maar uiteindelijk maar naar ons toekomen, in gesprek gewikkeld als we snel zijn.

We waren allemaal al bang dat er geen Volters meer in de stad waren, maar gelukkig!

De heren hebben al gegeten dus tegen negen uur, als ons terras sluit, splitsen we weer en nu voorlopig voor het laatst , zij reizen morgen terug naar NL. Ik zoek een vegahapje, wat zeker in het toeristische centrum niet eenvoudig is. Dit is het land van de hachee, de schnitzel, de grote lappen vlees. Uiteindelijk wordt het iets met schapenkaas, en laat de bacon maar zitten. 

Weer een lange, vermoeiende, maar interessante dag.

EGA Volt Bratislava, 13 juni

Eerste congresdag en meer

Ik meld me zo ongeveer als eerste bij de incheckbalie, mijn hotel zit dan ook echt om de hoek. Het loopt vol en voller, ik zie bekenden en ontmoet nieuwe mensen. Er is de warming up, de officiële aftrap, er zijn mededelingen en dan is het kiezen naar welke sessie je wil. De keuze is reuze. Ik kies voor Oekraine, voor de bedreigingen van het oprukkend fascisme, voor de presentatie van de nieuwe kandidaten. De co-presidenten en de reguliere bestuursleden alsmede een treasurer moeten verkozen worden en afscheid genomen van de oude. Allemaal goed en nuttig en zoals dat bij iedere partij en verenging gebeurt. Wat het bij Volt zo zeer de moeite en de reis waard maakt, is de grote diversiteit, de inclusiviteit. Het elkaar ontmoeten over grenzen heen van land of kleur, leeftijd of geaardheid. Ik heb dat nog nooit bij welke partij of vereniging zo meegemaakt. En dat alles gekoppeld aan een aanstekelijk optimisme en en energie. Het enige probleem is het ontbreken van thee, er worden plannen gesmeed voor de Bratislava Tea Party Revolte. Het zal bij plannen blijven uiteraard.

Aan het eind van de middag volgt de publieksmanifestatie. In een lang lint trekken we zingend van een plein bij een brug langs de oever van de Donau naar de volgende brug. We eindigen bij een podium op de andere oever waar de DJ al stemming maakt. Er wordt gedanst, er wordt meegezongen. Het is nog net geen moshpitt. EP lid Reinier van Lanschot spreekt, en de ambassadeur van Slovakije in Oekraine betuigt haar solidariteit. Het Europees volkslied wordt gezongen, althans dat proberen we toch.

En dan vertrek ik naar waar ik vermoed dat mijn volgende activiteit, de pubquiz, is. Ik eindig in de donkere buik van een feestboot. Op zoek naar een tafeltje nodigen drie jonge Slovenen mij uit bij hen te komen zitten en samen een team te vormen. Dat is een succes op meerdere fronten. Ten eerste zijn het aardige jonge kerels, ten tweede zijn we met elkaar in staat het hoogste puntenaantal te behalen, samen met een ander team. De prijs is een rondje slivovitsj dus mijn vreugde kent geen grenzen. Maar er is ook vlierbessenlimonade. Tegen tienen zoek ik nog iets te eten, ik neem afscheid van de Slovenen, vind bij de foodcourt een bordje tofu en rijst, en de Groningers. De plek ritselt van de Volters, en lang nadat ik rond middernacht afscheid neem wordt er nog vrolijk gevierd.

Met Volters is het nooit saai.

EGA Volt, Bratislava, 12 juni B

Wat kun je een hoop meemaken op een dag, vooral als je op weg gaat. Iets verder dan je eigen dorp. Eén vrijdag. Door drie landen gereden. Uitgestapt in een nieuw land met een onbekende taal, met weinig Engels of Duits sprekers. Een mengelmoes van Zuid-Duitsland, Oostenrijk en overduidelijk Midden Europees. Na me geïnstalleerd te hebben in mijn uitstekende hotelkamer, en een blik te hebben geworpen in de nog lege congresruimte, voelt de tram terug naar het oude centrum al bijna als routine.

Ergens vind ik een terras met thee, waar inmiddels dringend behoefte aan is. Niets leukers dan mensen kijken. Ook hier de mengelmoes. Alles wat onder de dertig is, is ubercool, met dezelfde gescheurde jeans, de te korte truitjes, te korte broekjes en de verdwaalde tattoos als bij ons. De drie goede boekwinkels binnen tien minuten lopen zijn dat niet. De kledingzaken vol truttige bloemetjes of gericht op de toeristen met traditionele, dan wel hippiejurken. K Pop – en tiktokboekwinkeltjes, McCafe’s en Starbucks. De Action! Groepen toeristen op zoek naar “Het grootste restaurant in Europa.”

Mijn wandeling door de oude stad brengt prachtig opgeknapte hoofdstraten en pleinen, levendig maar niet overvol. De winkels vrijwel uitsluitend gericht op de buitenlanders die hier naar ik vermoed van hun Donaucruise achter een vlaggetje aan lopen, Maar twee straatjes daarachter valt nog veel te restaureren.

Ik vind uiteindelijk de plek waar tegen zes uur de boot met Volters vanuit Wenen aan moet komen. En een restaurant met een uitstekende bonensoep om er weer even tegen te kunnen. Terwijlk ik daarop wacht hoor ik: Hé Volter! Een groepje van een stuk of tien Volters is op weg om die boot te ontmoeten. Ik geef ze mijn vlag mee en beloof ze te vinden als de soep op is. Ik vind ze terug achter grote pullen bier bij een stadsstrand. Als er zich Volters van de boot bij ons voegen gaan we naar de beloofde stadsrondleiding die inmiddels al van start is gegaan. Achter een in Berlijn wonende Slovaak aan lopen we langs diverse hoogtepunten in de oude stad. Waarbij hij vooral inzoomt op plekken die illustratief zijn voor belangrijke ontwikkeling in een ver verleden en in het huidige politieke klimaat. Met bijvoorbeeld een dodelijk slachtoffer vanwege extreemrechts geweld, of een queer-café waar een massaschietpartij heeft plaatsgevonden enkele jaren geleden. Een snelweg die door de Russen werd aangelegd en twintig procent van de historische binnenstad sloopte op weg naar de Ufobrug. Inmiddels begint het af en toe te druppen en verdwijnt de zon. Tegen een uur of acht eindigen we bij het kasteel boven de stad en breekt de groep op in kleinere clubjes. De groep die mijn vlag overnam is inmiddels een man of 15 en we zoeken een eetplek. Alleen een pizzeria kan op dat uur nog een groep van die maat aan, het typisch Slowaakse restaurant, waar men staat te wachten, zit er voor vandaag niet in.

Allemaal prima. Inmiddels ontmoette ik weer de Deense Noor en zijn vader, die ik vorig jaar trof bij een moonshoot-sessie. Aan de pizza zit ik met drie mensen die ik nooit eerder zag voor vandaag. Het wordt een mooie avond. Om 22.00 uur ben ik terug in mijn hotel, inmiddels redelijk gevloerd, en met een laatste kop thee probeer ik te organiseren voor de zaterdag van het congres. Hopend op een boerennacht van een uurtje of 7 slaap na drie uur totaal in de voorgaande dagen. Om half vier ben ik klaar wakker.

Te vroeg voor het ontbijt.

EGA Volt 26, 12 juni A

Wenen?

De coupé waar ik de nacht doorbracht heet Liegewagon, en dat is niet per ongeluk als je het mij vraagt. Je kunt er liggen. Of je er ook kunt slapen hangt er vanaf. Op reis slaap ik al nooit, en hoewel ik hier goed gestrekt kon liggen, is de matras spartaans. En als je wat dikker bent lijkt het me ook proppen.De buurman sliep prima, hoorde ik aan zijn snurkje. Zoals vaak, slaap je dan om zes uur in, en om zeven uur schrok ik wakker. Gelukkig had ik van alles voorzien zodat ik me toch min of meer behoorlijk kon opfrissen in het toiletje.

Daarna kwam het inclusieve ontbijt, dat wel in- maar niet zeer ex- was: twee kaiserbroodjes, een kuipje margarine, een kuipje bosbessenjam en een bekertje heet water met theezakje. Vervolgens begon het innemen van het beddengoed. Inmiddels kwamen de berichten binnen: een andere Bahngleis in Wenen voor mijn volgende trein, een vertraging van inmiddels een uur zodat ik die trein zeer waarschijnlijk niet zou halen. De vriendelijke conducteur gaf mij een briefje me voor het geval er moeilijk gedaan zou worden. In Linz volgde chaos, nog meer vertraging, in 5 minuten overstappen naar een andere trein, achtergelaten schoenen werden nageworpen, rugzakken vergeten, maar uiteindelijk arriveerde ik in Wenen. Waar ik bijna weer een trein miste om die rugzak af te geven bij de lost and found.

In mijn trein naar Bratislava werden de eerste Volters gespot. Op het station in Bratislava naar vier verschillende loketten om informatie over het lokale vervoer, tot er iemand was die èn Engels sprak en de moeite nam wijs te worden uit het kaartje om mij de juiste overstapplek te wijzen. En toen dat gelukt was nog even zoeken hoe de bussen hier werken. Maar uiteindelijk, om half twee, een keurige kamer in Jugendstil, aan de achterkant van het Nationale Tennis Centrum waar ons Volt Europees Congres is dit weekend.
Alles komt altijd goed. Soms duurt het iets langer.

EGA Volt 2026, Bratislava

Door mijn hoofd gaat een liedje van Madness: night boat to Cairo, dadadaaaa, dadadadadaaaa.. Door uw hoofd nu ook. Ooit gingen we per nachttrein van Luxor naar Cairo en pasten we de boat aan naar train, ging prima.

Waarom zit dat liedje daar? Omdat ik dit schrijf, zitten in mijn boven-minicabine van de OBB Nightjet naar Wenen. Zojuist met vertraging vertrokken van Amsterdam Centraal. Wat moet ik dan in Wenen? Overstappen naar de trein naar Bratislava. want daar is de Europese Algemene Vergadering van mijn partij, Volt.

Vorig najaar was dat in Frankfurt, en dat beviel zo goed dat ik dit, aan het eind van het voorjaar, niet kon laten lopen.

Gelukkig dat ik na het instappen nog even controleerde of ik goed zat, want er rijden twee treinstellen achter elkaar aan en ik stond in die van Innsbruck. Ook leuk, maar anders.

Het is on mij heen nog doodstil, de trein is bij lange na nog niet bezet, maar in alle soorten vervoer zitten wel mensen. Dit is zo’n beetje 2de klas cabine, een afsluitbaar bed met opklaptafeltje, een beetje extra ruimte voor je spullen en een luikje naar de naastgelegen cabine, dat open kan als je met bekenden reist. Je kunt ook gewoon per stoel reizen uiteraard, zeer comfortabel, dan is er de keus van een vierpersoons cabine, te delen met wie ook maar, dan zijn er nog de prive-cabines met twee bedden en een bankje/tafeltje, voor als je echt geld wilt uitgeven. Als je alleen reist geen goede optie. Maar dit is in ieder geval iets wat ik nog nooit eerder deed, en dat is altijd leuk. Denk: Japans podhotel op wielen. Gemengde bemanning.

Free wifi, een aardige jongeman die vroeg wat ik wilde drinken bij mijn ontbijt morgenochtend. Op de site krijgt u 1 foto, voor meer foto’s is er Polarsteps. Omdat ik bovenin lig zie ik van de buitenwereld alleen het gras of de rails, of ik moet op mijn buik gaan liggen.

Tijd genoeg om alles hier te ontdekken en te ervaren. Tegen tien uur ben ik in Wenen, en eind van de ochtend sta ik in Bratislava, waar tramlijn 4 mij naar mijn hotel kan brengen. Ze wachten er al op me.

Da,da,daaaaa: night train to Vienna!