Een ongekende rust op de anders drukke Avenue, toen ik terug kwam van het werk, oplettend lezertje. De terrassen stonden opgestapeld of stonden totaal verlaten te wchten op de dingen die komen gingen. De meeste winkels hier nog of al gesloten. Een paar uur op mijn kamertje de geneugten van de meegenomen harde schijven genoten, hoewel een schijf mij zegt dat hij onleesbaar is geworden. Ik hoop dat hij liegt, er staan veel films op. Toen ik dacht dat het laat genoeg was, weer de straat op. Nog steeds zeer rustig maar al duidelijk signalen van latere actie. Sommige terrassen hadden gasten aan gedeklte tafels, die al te eten kregen, zodat ze gelijk aan konden vallen als het signaal zou klinken. Dus een dag niet gegeten en gedronken, en daar zit je met je maten of je gezin, met een schaal brood, een fles water en hier en daar versegebakken Briqs voor je neus. Het duurde nog even. Volgens mijn gids is de Medina ’s avonds een plaats om te mijden maar tijdens Ramadan een poel van vreugde. Dat moet denk ik nog komen, Ik wam op het plein rond de Bab Bahr, de zeepoort, aan,net voor de zon onder gingn. Een verwachtingsvolle stilte. De straten verlaten zodat ik mijn plan naar de moskee te lopen opschortte. Onderweg een vervelend jongetje dat bezig was alles om hem heen te meppen, maar gelukkig kwam er een corrigerende moeder langs. Niet de zijne. De avond verloor kleur, de lucht werd bleek, de lampen werden dieper oranje en de moskee achter mij barstte los, gevolgd door twee anderen in de buurt. De eerste keer dat ik ze hier hoor, en samen met een stel toeristen genoten we van de roep en het vernderende karakter van de avond. De politieagenten in de buurt stoven bij de eerste klanken richting een tafel waar ze de dorst konden lessen. Hier en daar liep iemand direct een restaurant binnen, waar het personeel natuurlijk ook druk doende was de vasten te breken. Ik heb geen enkele lantaren gezien. Cairo is beroemd om zijn feestelijk aankleding tijdens Ramadan en Eid Kebir, hier ontbreekt die in mijn omgeving totaal. De lucht kleurde van bleek naar roze naar oranje naar nachtblauw in minder dan twintig minuten. De zwaluwen scheerden piepend over het plein, de eerste jasmijnverkopers vertoonden zich weer. Nu zit ik op mijn vaste terras. Glaasje citronade met amandelen, inmiddels mijn pluk jasmijn op een stokje van een jongetje dat te veel vroeg, maar niet kreeg. Straks zal er thee zijn, zegt de ober. De temperatuur is inmiddels heerlijk, de drukte neemt iets toe,de terrassen van de eerste eters zijn inmidddels alweer aan de tweede ronde toe. De meeste mensen vieren deze avonden in huiselijke kring, met vrienden en familie?Want meer dan het asten alleen, is dit een feest van gezelligheid, het aanhalen van banden, het begraven van strijdbijlen. Een soort kerst, maar met veel beter weer.
Ik had mij geestelijk voorbereid op een dag zonder eten of drinken. Ik weet dat dat kan, als je dokter je vraagt nuchter te blijven doe je dat immers ook. Maar het eerste wat mij getoond wed, nadat ik iedereen Ramadan Karim had gewenst: het kopje water dat de office manager discreet achter een in-box had opgesteld. Tussen de middag, toen niemand keek, bracht ze me een warme chocolade croissant. Zeg daar maar eens nee tegen als je maag rammelt. Toen wij als enige over waren op kantoor kwam er een trosje druiven. Zodat de situatie zich voordoet dat ik nu wel gegeten, maar niet gedronken heb. Toch de hele dag druk bezig geweest met materiaal uitpluizen en nazoeken, en nadenken over wat we nu precies gaan doen hier, nadat we hebben vastgesteld wat er nodig is in grote lijnen. Dus uitvoeren, aanpakken, trainen, dat soort praktische zaken. Zoals in al deze gebieden is er een ruim aanbod van hulpverleners, maar als het op concreet maken aankomt, wordt de spoeling dunner. Heel makkelijk om een analyse over de algemene situatie te maken, maar dan de boer op met een beamer en trainingsmateriaal, dat wordt lastiger, duurder en minder gedaan. Eens kijken hoe ver wij komen. Want de vraag is hoog.
Nu eerst zien hoe ik het weekend overleef. Het belooft flink warm te worden, eens kijken of ik een betrouwbaar strand kan vinden.
Ligt het toerisme naar Egpte redelijk op zijn gat, en zeker dat naar Cairo, in Tunesie heeft men snel de weg weer gevonden. Niet alleen Europeanen, ook de buren. Veel Algerijnen en Libiers, hoewel een deel van hen nu ook kiest voor bijvoorbeeld Turkije. Maar vanavond aan het tafeltje naast mij zat een familie die liever had dat ik Engels tegen hen sprak, dat waren dus Libiers. Ze woonden in de VS en gingen regelmatig naar huis voor vakantie, maar dit jaar wilden men Tunesie eens proberen. We hebbn de situatie in de regio met elkaar doorgenomen, en hopen allemaal dat het de goede kant uit zal gaan, maar veel blijft nog onzeker. Het zijn de leukere gesprekken, die je op deze manier zo onverwacht voert. Ze maken reizen als deze extra de moeite waard
Omdat de dagen best lang zijn en de winkels tussen 7 en 8 sluiten ’s avonds, heb ik nog niet veel boodschappen kunnen doen. Vanmiddag moest het er van komen, even wat inslaan voor de eerste dagen van Ramadan. Als het ook nog weekend is, en er dus niet gewerkt wordt. Men verwacht temperaturen van 38/39 en ik verwacht dat de restaurants en cafés overdag gesloten zijn. Maatregelen treffen dus. Op naar de Monoprix, waar de binnentemperatuur die van komend weekend ruim overtrof. Een drukte van belang, haast moet je niet hebben, de karretjes zijn breed en de paden smal. Op weg er naar toe een klein blokje richting medina, waar ik eindelijk weer een glimp Oriënt op ving. Drukte, winkeltjes en stalletjes, kruidige geuren. Even maar, de hoek om en het was weer weg. Als ik in september terug ben, ga ik er zeker veel tijd door brengen, maar voorlopig gaat werk nu toch voor. Maandag avond ga ik op reis naar het zuidoosten van Tunesië, op bezoek bij mensen die bij het seminar aanwezig waren. Dat zullen vermoeiende maar zeer leerzame dagen worden, die kunnen bijdragen aan mijn uit te brengen advies. Nu weer even op zoek naar een plekje op het terras bij de buren.
Een lange en interessante dag vandaag,oplettend lezertje. Een seminar over de lokale democratie in het licht van de gemeentelijke verkiezingen en hoe de civil society er op in kan spelen. Vanuit het zuiden, het noorden en het westen kwamen leden van burgerorganisaties die de democratie wilden versterken, en verder veel experts van allerlei pluimage. Zoals met een onderwerp als dit in deze tijd in dit land te verwachte: het liep wat uit. Uiteindelijk anderhalf uur later dan gepland, maar ik hoorde geen klacht, en als gesprekleider niet had ingegrepen had et nog veel later kunnen worden. Ondanks dat er nog al wat klachten waren over het democratisch gehalte van de huidige meerderheidsregering: men nam geen blad voor de mond, en liet weten wat men er van vond. Dat was van hoopvol tot cynisch en alle schakeringen daartussen. Ik had mijn persoonlijke tolk, die ik ’s ochtends deelde met een dame van de ambassade. (ook beroofd trouwens). Na de uitstekende lunch (eindelijk weer rijst en groenten) heerlijk buiten naast het zwembad, mocht ik mijn verhaal doen. Zin voor zin vertaald door mijn tolk en later de projectleider. Overigens, er werd nog heel wat Engels verstaan. Daarna nog een workshop met vertegenwoordigers uit het zuidoosten, tegen de grens met Libië aan. Er werden vijf punten besproken die men als eerste wilde aanpakken, maar het hadden er net zo goed meer kunnen zijn. De uitdagingen zijn groot en de tijdsdruk is hoog, met de verwachting dat de verkiezingen half volgend jaar zullen plaatsvinden. Voor het zo ver is moet er nog heel wat werk worden verzet. Na afloop flink wat mensen die op bepaalde onderwerpen wilde doorpraten, daar heb ik in september dan alle tijd voor. Inmiddels ben ik bijna door mijn rest visitekaartjes heen, ik zal weer eens iets nieuws laten maken, drie talen dit keer dan maar?
Afgesloten met een diner met een deel van de groep, die morgen pas naar huis gaan. Overwegend jonge mensen en in drie talen hebben we nog flink wat onderwerpen aangesneden. Waarbij een losse opmerking al snel weer tot een vraag kan leiden of je ook… Kortom, wordt voorlopig vervolgd.. In de lift zojuist van mijn eigen bescheiden hotel drie jonge Egyptenaren. Wat had ik dit werk ook graag daar willen doen. Wie weet, Insh Allah, komt het er ooit nog eens van.
Alle mogelijke moeite wordt er hier gedaan om het mij naar de zin te maken, oplettend lezertje. De diefstal van zondag zit iedereen hoog. Gisteren dus al met de office manager naar het politiebureau, om aan te dringen op actie. Vanmorgen op het Ministerie ook nog even kort aandacht gevraagd (niet door mij uiteraard) en de toezegging gekregen dat er even een telefoontje naar het bureau gaat, zodat men daar echt weet dat het serieus is. Ik ben benieuwd of het resultaat heeft, al deze goede bedoelingen. Ik reken nergens op, ga er van uit dat weg weg is. Maar het is hartverwarmend hoeveel moeite men doet.
Je maakt wat mee, oplettend lezertje, in het werk dat ik nu doe. Vanochtend vroeg al afgehaald voor een bezoek. Dit keer bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken, schuin tegenover het hotel. Ontspannen sfeer, ondanks het prikkeldraad, en gelukkig had ik mij op tijd gerealiseerd dat mijn paspoort nog bij de balie van het hotel lag. Onze gesprekspartner zag ik eerder in al in Den Haag. In kort bestek praatte men elkaar bij over een aantal ontwikkelingen en problemen. Eeuwig terugkerend thema, overal waar je komt: het afvalprobleem. Het was goed geregeld in Tunesie, maar in de revolutie ging materiaal verloren, en om het oude niveau weer te bereiken moeten alle zeilen worden bij gezet. Overigens, als ik hier door het centrum loop, vind ik het behoorlijk opgeruimd, maar inderdaad, in afgelegen hoeken en gaten ligt wel zwerfvuil. Er wordt hard aan gewerkt, weet ik nu.
Daarna terug naar kantoor, weer met de wagen met chauffeur. Vooral makkelijk als er gebrek aan parkeerplaatsen is, of als er ver gereden moet worden, liefst een beetje veilig.
De hele middag verder aan het werk geweest met mijn presentatie voor morgen. Verhaal bedacht, opgeschreven, gecheckt of ik op het juiste spoor zat, vertaald naar het Engels, gecontroleerd en verbeterd, plaatjes er bij gezocht en gecontroleerd of ze acceptabel waren, en in een diapresentatie gezet. Nu is alles opgeslagen op de USB stick, zijn de collega’s vertrokken en is er net een berichtje binnen dat het geplande diner wegens gebrek aan deelnemers van buiten de stad niet doorgaat en ik dus een vrije avond heb. Ramen en deuren sluiten, taxi zoeken en terug naar het hotel, en mijn inmiddels vaste terras.
Omdat de Tunesische expert eind deze week op vakantie gaat, en de komende avonden met werk bezet zijn, nodigde zij mij uit na het werk nog even wat te drinken en te eten. Gelijk maar naar een van de mooiste stukjes hier: Sidi Bou Said, wat veel toerisen bekend zal zijn. Leuke witte huizen en huisjes, met prachtige blauwe deuren bespijkerd in fraaie patronen. Het was er druk op straat, er werd wat afgeslenterd op weg naar de terrassen met uitzicht op de baai. Eten deden we iets verder op aan de Corniche van La Mersa, met heerlijke verse vis en pittige salades. Men heeft hier de harissa, een soort sambal, en volgens mij gaat die zelfs door de spaghetti. De eeuwige katten wachten ook hier hun kans af, evenals de straatverkopers met jasmijn en opblaasspeelgoed. Ook hier een zeer gemengd publiek: jonge gezinnen, groepen jongens , groepen meiden, hele families, met vrouwen met blote armen en met hoofddoekjes door en naast elkaar. Men zoekt nog even de koelte van de avond na de hitte van de dag. Flink wat wind aan het strand, dus ik voelde me al helemaal thuis. Terug over de weg door het meer van Tunis, waarnaast het scheepvaartkanaal dat ontstond door het weggraven van grond voor die weg. Nog steeeds rijdt hier de trein naar de kust en het noorden. Een prachtig gezicht om Tunis zo aan te rijden, en even over het meer sta je zo weer voor je hotel. De ober van het terras herkende me al, maar thee had hij niet voor me. Dat is wel het aller vreemdste hier, dat je niet altijd en overal thee kunt drinken. Maar hij verzekerde me dat er volgende keer wel thee zou zijn. We zijn al dikke vrienden.
Kent u dat, oplettend lezertje? Ga je voor het eerst naar je nieuwe job, heeft een mug je linkerooglid uitgezocht als fourageplaats terwijl je lag te slapen. Dat in combinatie met de kras op mijn hals gaf een gehavend uiterlijk deze morgen. Bij VNGI in het regiokantoor kennis gemaakt met de enieuwe collega’s, een kleine enthousiaste groep overwegend jonge mensen, in een keurig en al even klein kantoor in en rustige wijk van Tunis. Woensdag is er een seminar, waar ik geacht wordt een powerpoint te geven, en verder wordt het veel mensen spreken in interviewen, veel bezoeken afleggen, vragen , vragen en conclusies trekken. We hebben alvast voor de komende week genoeg te doen, en volgende week ook nop op werkbezoek in het zuid-oosten van Tunesie. In vergelijking tot de buurlanden is Tunesie klein, maar altijd nog groot genoeg om dit soort reizen met interne vluchten af te leggen, met de auto duurt het veel te lang. Omdat het vanaf vrijdag Ramadan is, heeft men het plan opgevat de werkbijeenkomsten met externe partners op avonden te plannen, in een wat feestelijke sfeer die bij deze maand hoort. De regiocoordinatoren hebben dus genoeg te doen. Allemaal Tunesiers hier waar ik mee werk. Ik probeer mijn Frans, zij proberen hun Engels, samen komen we een heel eind. Een goede eerste dag.
De afgelopen periode zijn er dagen en weken voorbij gegaan dat ik niet heb geblogd. Niet dat ik niets beleef, maar het past niet binnen dit blog meestal. Koud ben je op Schiphol aangekomen of de inspiratie komt los. Overal kun je wel over bloggen. Over de reisgnoten bijvoorbeeld. Tussen Amsterdam en Toulouse een vliegtuigbouwer, die lang in Frankrijk had gewoond, nu vanuit Canada opereerde en met zijn Franse vrienden ging bergwandelen. Tussen Toulouse en Tunis een werktuigbouwkundige op weg naar een gestrand schip met een ondergelopen machinekamer. En na een dag treinen, vliegtuig en vliegtuig, zit je weer in Noord-Afrika. Eerste hindernis: geld pinnen. De derde automaat op het vliegveld was raak. Dan de tweede hindernis: een taxi. Ik weet niet hoe taxichauffeurs geboren worden, maar ze zijn overal hetzelfde; zodra ze iemand zien waarvan ze vermoeden dat hij of zij de lokale mores niet kent, stijgen de prijzen tot ongekende hoogte. De ergsten zijn degenen die je nog in de terminal aanspreken. Die zat zo’n vijf keer boven de prijs. Buiten was het maar matig beter, maar uiteindelijk vond ik een chauffeur die wist waar mijn hotel te vinden was en tot een aanvaardbaar bedrag (hoewel buiten de meter) kwam. Ik ga er maar vanuit dat ik hiermee bijdraag aan de eceonomie van een land in opbouw. Daarin sta ik gelukkig niet alleen. Op een scherm in de douanehal een spotje dat ongeveer al volgt luidde: zomer, Tunesie ademt op, onze buitenlandse Tunesiers bezoeken ons land. Vorig jaar brachten zij 4 miljard dinar mee naar het land, dus welkom, buitenlandse Tunesiers van zomer 2012.
Het hotel waar ik aankwam heet weliswaar Carlton, het is inderdaad gehuisvest in een Art Nouveau ofzo pand, en ja, men heeft gratis wifi op elke kamer, niet zo razendsnel als de sticker bij de entree doet vermoeden. Verder heeft het weinig gemeen met het hotel dat ik in de gids of op het internet zag. En al helemaal niets met het Carlton vrees ik. Maar misschien moet ik wennen of ben ik moe. Er is een bed, airco, een badkamer die bijna groter is dan de kamer en een kleine tv die nu een Frans ondertitelde Duitse opera uitzendt. Het zal waarachitg wel gaan.