Wie verre reizen maakt…. 28, Seoul revisited, 26 september

Bundung Memorial Park Panorama.jpg

Een indrukwekkende ochtend met een prettige ontmoeting met Meneer Lee (nee, die andere). Een van de weinige dingen die ik van te voren had gepland, maar dan nog is het lastig elkaar te vinden. Gelukkig was meneer Lee heel behulpzaam dus uiteindelijk vond ik hem (of eigenlijk hij mij) onder de klok op een plein in een warenhuis. Met hem ging ik naar de plek waar werk van beeldhouwer Hans Blank staat. Daarover elders meer. Omdat hij eigenlijk in Australië woont, maar nu alweer vijf jaar hier werkt op uitnodiging van een vriend, kon ik met hem ook een wat uitvoeriger gesprek hebben over alles wat Korea zo betreft. Een gedeeld land, springplank tussen Pacific en vaste land en daardoor al zo lang het bestaat een populaire buit bij velen, de Chinezen, Japanners en Amerikanen voorop. Ze zijn er allemaal nog, of weer. Voor Amerikanen is er een speciale balie op het vliegveld als zij hier als militair komen of gaan. Lee was er duidelijk over: “Omdat het de Amerikanen alleen kon schelen de Pacific vrij te houden, betaalden wij de prijs, zijn wij gedeeld, als Duitsland. Maar verdiend hebben we dat niet, en we lijden er nog steeds onder.” Trump en Truman, hij vindt het allebei zwakke presidenten. We bespreken de ontwikkelingen sinds de oorlog. Hij stelt dat er vooral is ingezet op economische ontwikkeling en groei, dat is goed gelukt. Maar het sociale netwerk, rekening houden met de zwakkeren, de ouderen en de achterblijvers, bouwen met een ander motief dat snel en veilig, dat is allemaal te kort gekomen. Pas de laatste twee decennia is er aandacht voor. De voorstad van Seoel waar ik nu ben is een voorbeeld daarvan. Mooier, ruimer, groener opgezet, met oog voor uiterlijk van gebouwen. Met hier en daar een park of een speelplek, openbare kunst. De plek waar we zijn geeft zicht op een deel van Seoel. Herkenbaar want hoogste gebouw: het Lotte hotel.

Na deze ontmoeting haal ik mijn koffer uit de auto en breng die naar mijn hotel kamer, zoek of er niets achtergebleven is onder stoelen, en rij de rit naar Incheon. De zon schijnt maar de herfst kondigt zich aan met temperaturen onder de 25 graden. Alles licht en helder. Ik rijd over prachtige bruggen, langs haven en monding. Over de radio (Classic FM) vat Herbert von met Tannhauser deze vier weken samen: spannend en vredig en bij vlagen lastig, maar zeker groots en de moeite waard. Na enig zoeken vind ik de juiste parkeergarage en het verhuurbedrijf. Op advies van meneer Lee neem ik de limousinebus terug naar Seoel Station. Comfortabel, goedkoop en snel.

Heeft u ook wel eens gemerkt dat als je terug komt op een eerst nieuwe plek, hij gekrompen is? Je bent een beetje bekend, je weet wat je kunt verwachten, het wordt een beetje vertrouwd terrein en dat is altijd kleiner. Ik weet waar ik uit wil stappen, ik ken de trucs van de metropoortjes, weet hoe ik mijn blije konijn nog een keer moet opladen. Wat zal ik doen deze halve middag? Er is nog een schrijn op een Unesco lijst, er is nog een museum. Maar er is ook Namsa Tower Seoel, op een berg. Een geliefd uitje voor inwoners en bezoekers, zeker zo tegen het einde van de dag. Het is even doorwandelen, al die trappen op. Bij de toren een loket, een wachttijd, een photoshoot, een beetje zoals de Efteling, ze verstoppen de rijen. Je kunt er hartjes en slotjes kopen, beschrijven en achterlaten langs een hekwerk naar de kabelbaan (ja, ik had niet hoeven lopen natuurlijk). Maar als je dan eindelijk boven bent, slokt de stad je weer op. Ik probeer plekken te herkennen, de zon gaat prachtig onder, de lichten gaan aan. Tien miljoen mensen hier onder ons, daaromheen de bergen. Na een uur kijken, rondlopen, kijken en nog eens kijken (geheimtip: het beste uitzicht heb je vanaf het toilet) ruk ik mij los en ga met de kabel naar beneden. In de rij daarvoor ontmoet ik een stel jongelui. Ze spreken Engels met elkaar, ze zijn nieuwsgierig, een leeft er in Moskou, de rest hier. Ze wedden onder elkaar waar ik vandaan kom en gokken verkeerd. Geen Engelse dus, maar Nederlandse. Hij wil graag praten, wil graag veel reizen, is al in Midden-Europa geweest en spreekt ook wat Duits. Als we het kabelbaantje uitkomen moet er afscheid genomen, een foto gemaakt om de ontmoeting vast te leggen. Ik deel maar weer wat kikkers uit, en vooruit, een paar vlaggetjes. Kom er eens om, dat een stel net twintigers met je op de foto wil omdat je uit een ander land komt. Nog een keer een Koreaanse maaltijd,  ginseng kip. Dan de lange reis naar het hotel in die voorstad, twee keer overstappen, zo’n 30 stations en wel de goede kant op reizen. Als ik bij een station twijfel en navraag, ga ik natuurlijk prompt verkeerd. De jongeman die het op zijn geweten heeft realiseert het zich als we net het station hebben verlaten en komt zich verontschuldigen. Laat kom ik in mijn hotel en ga de strijd met de bagage aan. September is bijna voorbij, tijd om weer naar huis te gaan.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s