NBU 59, Reuzen

IMG_7366Soms is het maar goed dat de dingen niet gaan zoals je zou willen.

Omdat ik al een paar dagen op de accu’s sta en stroom wil sparen vroeg naar bed, met de kalkoenen zeg maar, die zijn hier namelijk in het wild, net als bluejays. De grijze eekhoorns zitten overal. De parken hier zijn streng, na tien uur willen ze je niet meer horen, dus ongestoorde nachtrust. Kort na middernacht word ik wakker en trek een dekentje bij.

Om zeven uur wordt het park wakker, overal beginnen mensen aan het ontbijt, goed te zien in dit deel met overwegend tenten, vooral veel groepen of uitgebreide families. Kinderen nog in pyjama. Ik sta nog in de schaduw, maar aan de overkant schijnt de zon, zitten mensen op te warmen. Op tijd op pad om de grote bomen te gaan verkennen en toch op tijd het park te verlaten. Het past niet helemaal in mijn planning, maar die rammelt toch aan alle kanten.

Ik ga weer een steil pad op, dwars door het bos, met als belofte een prachtig uitzicht over de bergen en de oceaan. Als ik halverwege ben, vind ik een steen, daar achtergelaten met een boodschap. The sky is the limit, staat er op. Die moet wel voor mij bedoeld zijn.

Het is nog rustig, slechts één eerdere wandelaar zie ik terugkomen. Op de helling die eeuwenoude bomen die vooral zo imposant zijn omdat ze kaarsrecht tot de hemel reiken. Of in ieder geval toch een honderd meter of meer. Sommigen liepen lang geleden brandschade op aan hun imposante stammen. Het ruikt hier heerlijk zoet van alle bloeiende bloemen zoals de wilde akelei. En dan die frisse geur van de dennen hier. Soms ruik je hier langs de kust de eucalyptusbomen tot in Monster.

Ik zie een neveltje de berg af rollen vanaf zee. Hoewel ik zelf in het zonnetje zit, zie ik bovengekomen alleen maar diezelfde nevel. De zee en het dal laten zich niet zien. Het is een dun laagje, want in het ravijn schijnt gewoon de zon. Precies op tijd kom ik aan bij Monster, het is rustig bij de tentjes. Iedereen is het bos in. Iets drinken, bergschoenen uit en dan rijd ik weer het park uit, tussen die mooie bomen door. Het is inmiddels druk met dagjesmensen. Op de parkeerplaats dan ook vooral Californische nummerborden, een enkele uit Nevada of Oregon, een heel avontuurlijke uit Nieuw Mexico. Niemand uit Texas, laat staan verder weg.

Ik rijd de HW1 weer op en slinger me naar het noorden. Nog prachtige wilde stukken waar een dik tapijt van bloeiende vetplanten de rotsen bedekt. Allengs wordt het wat bewoonder, sjieke uitspanningen lopen vol bezoekers. Alle parkeerplaatsen bezet op deze zaterdag. In Carmel, trendy tot en met tegenwoordig, staat zelfs een file.

In Monterey aangekomen eerst maar eens naar het bezoekerscentrum. Ik sla te vroeg af, maak twee bochten om weer terug te komen waar ik vermoed te moeten zijn en zie dan een RV net geparkeerd staan in een zijstraat. Ik parkeer Monster erachter en vraag aan het echtpaar of ik hier veilig sta. Jawel, is het antwoord, je mag hier niet ’s nachts staan, maar dit is hier zo’n beetje het enige straatje waar geen parkeerverbod of betaald en beperkt parkeren is. Zij gaan hier op de fiets de stad in. Kijk, zo wil ik altijd wel verkeerd rijden. Ik vind het bezoekerscentrum bemand door twee vriendelijke heren die wat folders voor mij hebben en stort me in het gewoel. Na vele dagen natuur is dit weer even leuk.

Monterey is een oude plaats, de eerste echte vestiging van dit deel, volgens de geschiedenis. Verder bekend geworden door Steinbeck’s Cannery Row. Ook heeft Robert Louis Stevenson hier een paar maanden verbleven om zijn geliefde te bezoeken. Dat museum is helaas dicht, maar de mooie zonnige tuin heb ik voor mezelf. Ik bezoek het Cooper Molera Adobe, ooit gebouwd door een ex-zeekapitein met handelsinstinct die hier zijn fortuin maakte. De familie schonk het pand en de grond aan de staat, zoals zo vaak hier, en die heeft er een mooi complex van gemaakt. Het museum is schattig, geeft een goed indruk van het leven hier, zonder gedoe. Je wordt uitgenodigd te doen of je hier woont. Speel een spelletje schaak hier aan dit tafeltje, schrijf een brief of kaart aan dit bureau. Heel effectief.

Dan langs het strand naar Fishermans Wharf, met souvenir- en snoepwinkeltjes en vele restaurantjes in de oude gebouwen. Het is toerisme ten top, maar ik geniet: hier komt men vanuit de streek om zich te vermaken.  Het Rock and Rods feest op het plein, met prachtige oude auto’s en muziek uit de tijd van Elvis.

Dan een aanbod om bij zonsondergang walvis te gaan jagen. Zijn er wel walvissen deze tijd van het jaar? Men verzekert mij van wel. Ik beloof er over na te denken. Het kost natuurlijk ook weer een lieve duit. Het is wel laat afgelopen, een behoorlijke slaapplek is dan niet meer binnen bereik. De HW1 in het donker, dat lijkt me geen succes.

Lopend over het Steinbeckplein, met een beeldengroep aan hem gewijd, zijn werk en de mannen die Cannery Row lieten herleven, besluit ik: gewoon doen, arm word ik toch. Beneden aan het water, op het terras van een van de vele hotels maakt men zich op voor een huwelijk aan zee, met mannen in uniform en een ereboog voor het water. De vlootpredikant loopt zich warm met glimmend gepoetste schoenen.

Met de gratis Trolley die elke tien minuten rijd, ga ik terug naar de werf, eet nog even een fish and chips, om half zeven vertrekken we. Ik heb dan al otters gezien in de baai tussen de plezierjachten en kajaks. Zeeleeuwen zitten op de grote pieren. Pelikanen vliegen over. Maar zien we ook walvissen?

Ja, die zien we. Of liever gezegd, we zien waarschijnlijk een dezelfde humpback die we volgen tijdens zijn jacht op vis. We genieten van de vogels, we zien een kleine blauwe haai aan het oppervlak scheren, er zijn plekken sardines te zien. Maar de humpback die spuit en bovenkomt, dan weer duikt en zijn grote rug toont, iedereen blij! Als hij dan ook nog een keer uit het water omhoog stijgt en drie keer voor hij weer duikt zijn staart aan ons toont, kan ons geluk niet op.

De reuzen uit het bos en de reuzen van de zee, allemaal op een dag.

Inmiddels is het negen uur en donker eer we weer voor de kant liggen. Ik loop terug naar de auto, rijd in het donker naar Walmart in het volgende dorp. Overnight parking is niet toegestaan in Monterey Bay, dus ik loop het risico op een bekeuring maar van de supermarkt mag ik hier staan. Ik waag het erop , wan veel opties zijn er niet. Morgenochtend even naar de Starbucks om de hoek.

Wat we morgen verder gaan doen? Ik heb nog geen idee.

 

1 thought on “NBU 59, Reuzen

  1. Machtig He al die reuzen, tenminste in mijn tijd waren er nog geen walvis tochten op zee. Ik moet toch nog eens heen.. enne Clint Eastwood nog in zijn dorp tegen gekomen?.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s